Op weg naar 2018

De laatste dagen van het oude jaar in het zonnetje doorbrengen – ik blijf het een cadeautje vinden. De gouden dagen van de nazomer zijn naadloos overgegaan in een zonnige winter, en al zullen we ongetwijfeld onze portie sneeuw nog krijgen in de komende maanden, deze heerlijke weken kunnen ze ons hier in Pilion niet meer afnemen. Voor het echte kerstgevoel is het wat minder, dat dan weer wel, maar daar kan ik absoluut niet mee zitten. We hebben in ons T-shirt gezellige glitterlampjes opgehangen aan de veranda, de slingers en prullaria uit de kerstkrat op hun vertrouwde plekjes gehangen of neergezet, de takken van de mini-kerstboom in vorm geduwd en dat was dat. Onze kerstdagen hebben we lekker rustig doorgebracht. Een wandelingetje met de hond, een simpel kerstmaal, wat toastjes met kaas bij de Sound of Music, mijn favoriete kerstfilm, en tweede kerstdag een etentje met een paar goede vrienden in de taverne op de berg. En dat alles dus overgoten door een heerlijk zonnetje, dat de temperatuur overdag toch al snel richting de twintig graden deed stijgen. Kortom, een prima aanloop naar het nieuwe jaar..

Echt missen doe ik niet veel uit mijn ‘oude’ leven, ook niet in deze nostalgische decembermaand. Maar, eerlijk is eerlijk, ik had toch wel even een piepklein beetje heimwee toen ik op Facebook mooie kerstfoto’s voorbij zag komen van de prachtig verlichte Vlaardingse haven, van de visbank (foto Cees Groen), de grote kerstboom op de markt. Ik had het Vlaardings kerstlied van Sandy Struijs best wel live willen horen, een glaasje glühwein willen drinken op de kerstmarkt, en me even willen warmen aan dat heerlijke Vlaaringse accent om me heen. Het was zo weer over, hoor, want ik zag ook de regendruppels vallen en voelde de koude windvlagen van de foto’s af waaien, wat in schril contrast stond met de twintig graden Celsius waarbij ik die foto’s bekeek. Dus heb ik het kerstlied gewoon meegebruld op mijn terrasje in het zonnetje, en in plaats van de glühwein een glaasje tsipouro genomen. Dat werkte ook uitstekend om in kerststemming te komen.

En nu is de kerst alweer voorbij. Vandaag is het oudejaarsdag. Wij bereiken het nieuwe jaar één uur eerder dan jullie vanwege het tijdsverschil, wat betekent dat we die magische grens van twaalf uur altijd twee keer vieren. Eerst op Griekse tijd, en dan op Nederlandse tijd. Het is een raar gevoel om al in 2018 te leven, terwijl onze zoon in Enschede zich nog in 2017 bevindt. Alsof je ineens in een tijdmachine bent gestapt en een uur later weer Back to the Future gaat. Maar waar we ons ook bevinden, het is en blijft overal een avond waarop we allemaal wel even terugkijken op de hoogte- en dieptepunten van het jaar dat achter ons ligt. Ikzelf ben altijd wel weer blij als dat nieuwe jaar is aangebroken en al die feestdagen voorbij zijn. Het gewone leven is vaak al ingewikkeld genoeg zonder al dat gegoochel met kerstlampjes en feestmaaltijden. Maar even stilstaan bij wat geweest is en wat zal komen… ach, het hoort erbij, en net als iedereen zal ik mij in die paar minuten voor middernacht even bezinnen op ‘mijn’ persoonlijke jaar. Om vervolgens met frisse moed aan dat onbeschreven blanco nieuwe jaar te beginnen.

Het jaar 2018… een jaar waarin we misschien eindelijk op weg kunnen gaan naar de wereldvrede waarnaar we al zoveel jaren verlangen – al denk ik niet dat wereldvrede hoge ogen gooit op het lijstje wensen van de grote mogendheden. Maar een mens mag dromen, toch? Van een wereld zonder wapens, zonder honger, zonder oorlogen, zonder geweld, zonder ellende. Wat zou dat heerlijk zijn. Een jaar ook waarin ik het persoonlijk heel fijn zou vinden als lange tenen weer een stukje korter zouden worden. Doe wat nuttigs of gezelligs in plaats van al dat oeverloze online beledigen van elkaar. We hebben toch wel iets beters te doen met onze tijd hier op aarde of ben ik de enige die het zo ziet? Een beetje vrede, een beetje liefde voor alle mensen. Zo’n grote wens is dat niet. Dat moeten we toch een keertje met zijn allen voor elkaar kunnen krijgen, en waarom niet in 2018? Verbeter de wereld, begin bij uzelf, dat heb ik altijd wel een mooie slogan gevonden. Weet u wat, ik doe mijn best hier in Griekenland, als u het nou daar in NL doet, dan hebben we samen toch al een mooi beginnetje gemaakt?

Oudejaarsavond… van oudsher een avond waarop je het gezellig maakt met elkaar. Een spelletje, een hapje, een drankje, oliebollen en de oudejaarsconference van Youp, ja, voor ons ook, dankzij het internet. Mocht die niet interessant zijn, dan schakelen wij gewoon over naar Stin Ygeia Mas, een veelzijdig Grieks muziekprogramma waarin bekende Griekse zangers en zangeressen in een informele sfeer live optreden voor hun collega’s. Er worden oude en nieuwe Griekse liederen gezongen waarvan iedereen de woorden meehumt of -zingt, afhankelijk van het lied met betraande ogen dan wel met een vertederde glimlach op het gezicht. Het hoeft ook niet per se zuiver te zijn, weten we inmiddels, als het maar gezongen wordt vanuit het hart met alle emotie die erbij hoort. Een heerlijk programma dat laat zien hoe je het met elkaar gezellig kunt hebben, zonder opsmuk, zonder dure rekwisieten, maar gewoon door samen muziek te maken en elkaars prestatie te respecteren.

Wij gaan het in ieder geval vanavond hier in ons Griekse huisje gezellig maken met elkaar en ik hoop dat oudejaarsavond voor u allen in het koude Nederland ook een leuke avond zal worden. Ik wens u vanuit het zonnige Pilion een heel mooi nieuw jaar toe, met een beetje vrede, een beetje liefde, als het even kan dat alles in goede gezondheid, en rijkelijk overgoten met een sausje van geluk. Geluk dat ieder mens hier op aarde verdient, want wie je ook bent, waar je ook woont, welke kleur huid je hebt of wat je gelooft: zonder een beetje geluk vaart niemand wel 😉


Gelukkig Nieuwjaar oftewel Kalí Xroniá vanuit Kato Gatzea!

♥♥♥

Let it be Christmas!

Nog twee dagen te gaan, dan is het Kerstmis. Het wordt mijn tweeënzestigste kerst, zat ik net te bedenken. En dat is best veel eigenlijk als je dat achter elkaar zet. Honderdvierentwintig dagen oftewel ruim vier maanden van mijn leven heb ik dit feest al mogen vieren en als het een beetje meezit, komt daar misschien nog wel een maandje bij voordat het engelenkoor me naar boven roept. Niet dat me dat nou zo leuk lijkt, de hele dag op een wolkje hemelse liederen zingen. De enige twee die ik hier in huis nog wel eens spontaan wil zingen, zijn ‘Er ruischt langs de wolken’ – ja, met es-cee-haa, zo schreven wij dat vroeger – en ‘Een lammetje ging dwalen’. Bij het eerste lied kom ik echter nooit verder dan de eerste regel, de rest hum ik er maar een beetje achteraan. Het hemels geruis verandert bij mij meestal heel snel in ‘Imagine all the people…’ en dan raak ik toch een beetje in de war, want een wereld zonder hemel en hel zoals John Lennon dat beschrijft lijkt mij heel wat vrediger dan al dat hemels geruis langs de wolken dat in de afgelopen eeuwen al voor zo heel veel strijd heeft gezorgd.

Met het tweede lied, over het lammetje dat aan het dwalen ging ‘heel ver en heel alleen’, heb ik wat meer feeling. Misschien wel omdat we allemaal in ons leven tijden meemaken waarin we ‘ver en heel alleen’ zijn. Dan is het heel fijn om te weten dat een echt goede herder, eentje die zijn vak verstaat, niet zal rusten voor hij zijn afgedwaalde lammetje gevonden heeft. Ik heb altijd zoveel medelijden met het arme, doodsbange lammetje uit het lied, dat ik liever geen lamsvlees eet tenzij ik het niet kan vermijden. Ik gun al die lammetjes namelijk zo heel graag ook een goede herder die hen supersnel terugbrengt naar de kudde. Maar geen lamsvlees eten is niet zo handig als je woont in een land als Griekenland. Vooral met de Pasen zijn lammetjes hier favoriet, en dat schijnt weer iets met offeren te maken te hebben. Wat mij dan meteen weer doet denken aan The Story of Isaac, een song van Leonard Cohen, waarin Abraham zijn zoontje Isaak naar de slachtbank leidt omdat hem dat in een goddelijk visioen werd opgedragen. Ook niet echt een lied om trek van te krijgen, zal ik maar zeggen. Ach ja, dat hoofd van mij zit altijd vol muziek en het ene lied leidt naar het ander.

Maar liedjes, hemels of ‘gewoon’, brengen je gelukkig ook terug in de tijd, herinneren je aan bijzondere momenten. En o, wat zitten er veel bijzondere momenten in mijn tweeënzestig kerstfeesten. Feestelijke dagen waarop ik goddank altijd een dak boven mijn hoofd had. Gezellige dagen met familie en vrienden om mij heen, dagen waarop ik genoten heb van vele overvloedige kerstdiners – geslaagde en minder geslaagde. En hoewel ook ik mijn portie Blue Christmasses heb gehad, speelden mijn kerstmissen zich alle tweeënzestig af in een warme, veilige omgeving, waar mooie herinneringen werden gemaakt. En hoe ouder ik word, hoe meer ik besef hoe bijzonder dat is. We zien dagelijks op het journaal hoe anders het voor het gros van de mensheid op deze aarde is. Tezamen met al dat leed dringen ook angst en haat steeds vaker ons leven binnen. Veel eraan doen kunnen we meestal niet, maar wat we wel kunnen is liefde en respect hebben, voor elkaar en voor alles wat leeft op deze aarde. In plaats van elkaar letterlijk of verbaal af te slachten kunnen we beter de handen ineen slaan om onze wereld een beetje gezelliger te maken, elkaar een beetje liefde te geven. En denk nu niet dat jouw druppel van liefde er ‘slechts’ eentje op een gloeiende plaat is. Zelfs de grootste oceaan bestaat uit druppels, dus laat die kraan der liefde maar mooi openstaan en doordruppelen.

Ik wil alle lieve mensen die mij ook dit jaar weer een of meer druppels van hun liefde hebben gegeven – en dat waren er velen! – een heel fijn kerstfeest toewensen, met mooie liedjes die hen doen terugdenken aan de bijzondere momenten in hun eigen unieke leven. Ik wens jullie warmte, gezondheid en geluk toe voor het nieuwe jaar, en hoop dat al je dromen mogen uitkomen. En zo niet, beleef dan in ieder geval plezier aan het dromen van die dromen. Lach en zing en dans, al is het soms met een traan op je wang. En blijf geloven in vrede op aarde, want die vrede… die begint nog altijd bij jezelf.

Kalá Xristouienna kai Kalí Xroniá uit Pilion!

♥♥♥♥♥

Lake Kerkini

Een decembercolumn schrijven als het zonnetje volop schijnt en de temperatuur oploopt naar twintig graden valt niet mee. Sint-perikelen en kerstmijmeringen zijn wel het laatste waar mijn gedachten zich mee bezighouden. Ik ben nog aan het na sudderen van mijn weekje vakantie in Lake Kerkini, aan het uitrusten van mijn boekavonturen en aan het genieten van de kleine geluksmomenten in ons dorpje dat zich in een winterslaap bevindt.

Het was goed om na het grove schrijfwerk even een pauze in te lassen door naar Lake Kerkini te gaan. Wat hebben we daar genoten van de ongelooflijk mooie natuur en de lieve mensen die we ontmoet hebben! Het dagelijks leven kwam abrupt tot stilstand in deze omgeving die zoveel rust en stilte uitstraalde dat we ons bijna op een andere planeet waanden. Het weer hadden we ook mee. De zon scheen volop toen we aankwamen bij het hotel en onze eerste verkenningswandeling naar de dam van Lithotopos maakten. Daar raakten we in gesprek met kapitein Kostas, die ons de volgende dag meenam in zijn boot voor een tocht over het meer. Van heel dichtbij zagen we de vele aalscholvers en pelikanen, prachtige vogels die zich helemaal thuis voelen op deze plek. Niet zo verwonderlijk, want er zitten wel tweeëndertig soorten vis in het meer, vertelde kapitein Kostas.

Hij vertelde nog veel meer, niet alleen tijdens de boottocht, maar ook tijdens de autotour die we twee dagen later met hem maakten. Normaal gesproken ben ik er niet zo happig op om in een auto te stappen bij een man die me op zijn boot al begroette met: `Wat heb jij mooie ogen! Die kleur… prachtig!’ Nou ja, in het Grieks dan, hè? En dat versta ik tegenwoordig aardig, dus ik weet heel zeker dat hij dat zei. Maar in dit geval had ik er geen enkele moeite mee. Integendeel, ik sloot de man meteen in mijn hart. Kapitein Kostas deed me namelijk onmiddellijk denken aan een charmante kerstman, weliswaar met ondeugende pretlichtjes in zijn ogen, maar met een hart van goud, dat wist ik gewoon heel zeker. Hij vond het leuk dat ik Grieks sprak, en trakteerde ons op heel veel verhalen en anekdotes. Zo vertelde hij trots dat hij een paar jaar eerder Wesley Sneijder in zijn boot had gehad voor een rondvaart over het meer. Ik vermoed dat Wes destijds vanuit zijn woonplaats Istanbul een trip naar Lake Kerkini heeft gemaakt, want zo heel erg ver ligt dat niet uit elkaar. En als je als beroemdheid even niet herkend wilt worden, is Lithotopos en omgeving een uitstekende bestemming. Die pelikanen zal het worst zijn wie je bent…

Kortom, toen kapitein Kostas zich spontaan aanbood als onze chauffeur ben ik gewoon afgegaan op mijn intuïtie en hebben we zijn aanbod aangenomen. Daar hebben we geen spijt van gekregen. Het werd een vijf uur durende avontuurlijke ‘safari-tour’ rond het meer. We zagen o.a. flamingo’s, waterbuffels, jonge aalscholvers, witte zwanen en eenden (niet zo bijzonder voor ons, maar wel bijzonder in Greece!), we bezochten in the middle of nowhere een klein reptielenmuseum met een krokodil, slangen en een leguaan, en zagen de restanten van het verdronken dorp uit de Griekse film The Weeping Meadow. We dronken tsipouro-met-hapjes in een klein bergdorp, bewonderden een nabijgelegen klooster, stonden oog in oog met een kudde herten – in een onverwacht hertenkamp op de berg – en sloten de Safari Greek Style af met een blik op de vredig grazende schapen die samen met hun herder langs de oevers van het meer dwaalden.

Ja, Lake Kerkini is zeker een bijzondere bestemming. De grens met Bulgarije is heel dichtbij en wordt bepaald door de hoge bergkam die aan de noordkant van het meer indrukwekkend aanwezig is. Je hoeft de geschiedenisboeken niet gelezen te hebben om aan te voelen dat het in het verleden niet altijd zo vredig is geweest als nu. Iemand met een beetje fantasie – zoals ik – ziet de partizanen over die berg sluipen, hoort het geknetter van geweervuur, ziet de rook als er weer een dorp in vlammen opging… Het is een gebied waar mensen wonen die gewend zijn aan de harde strijd om het bestaan. Een gebied waar de katoenindustrie en de rijstvelden de voornaamste inkomstenbronnen zijn, en de natuur het ritme van het leven bepaalt. Het is echter geen bestemming voor iedereen, want behalve het indrukwekkende natuurschoon vind je er weinig ander vertier, zeker niet in november en al helemaal niet in de kleinere dorpjes. Zo zagen we op onze wandeling door Lithotopos geen enkele winkel en kwamen we – op één mevrouw en vijf zwerfhonden na – niemand tegen. Beschik je niet over een auto, zoals wij, dan ben je erg afhankelijk van de faciliteiten van het hotel waar je logeert. In dat opzicht waren wij helemaal gelukkig met ons verblijf in Hotel Erodios, iets buiten Lithotopos. De ligging is fantastisch, halverwege een heuvel, op loopafstand van het meer. De ruime kamers met groot balkon waren eenvoudig maar comfortabel, het restaurant dat de hele dag open was serveerde niet alleen een fantastisch ontbijt, maar had ook een uitgebreide menukaart voor ‘s avonds, en het hotelpersoneel was betrokken, lief en zo behulpzaam als ik zelden heb meegemaakt. En dat wil wat zeggen, want ik heb in mijn leven toch al heel wat hotels bezocht!

In schril contrast daarmee stond het City Living Hotel in Drama, waar we daarna twee nachten verbleven omdat we de druipsteengrot van Alistrata wilden bezichtigen. Oké, misschien speelde het mee dat ik me niet honderd procent fit voelde vanwege een gemeen Norovirus, maar aangezien dat virus me ook al parten speelde in Lithotopos, geloof ik dat niet echt. Ons verblijf in Drama was met recht een drama, waar ik het verder niet over zal hebben, maar het bezoek aan de Alistrata-grot en de spectaculaire treinreis die ons vanuit Drama weer naar Thessaloniki terugbracht maakten het gelukkig allemaal weer goed. En hoe aardig de mensen in Lithotopos zijn, bleek wel uit het feit dat ‘onze’ lokale taxichauffeur Tassos – die ons vergezelde tijdens een onverwachts doktersbezoek in Irakleia en ons later naar Serres reed voor de busrit naar Drama – aan het eind van onze vakantie nog even op koffiebezoek kwam in ons hotel in Thessaloniki. Hij had iemand uit het dorp weggebracht naar de luchthaven, en vroeg zich af hoe het ons was vergaan in Drama. Is dat lief of niet?

En nu ben ik dus alweer bijna een kleine drie weken thuis. Weken waarin ik niet al te veel heb gedaan, want hoewel ik een heerlijke vakantie heb gehad, voelde ik wel dat ik nog lang niet uitgerust was. Ik heb dus een beetje rondgelummeld en lekker gekeuteld, zoals ik dat noem. Ik ben van lapjes vilt een winterkrans aan het maken, een totaal onnuttig en overbodig iets, maar wel heel leuk om mee bezig te zijn. En heel voorzichtig ben ik deze week ook weer begonnen met de laatste puntjes op de i van mijn manuscript te zetten. De feedback van de redactie is terug, er moeten nog wat scènes herschreven worden, maar het definitieve einde is nu echt in zicht. Ik mag er tot aan de kerstvakantie over doen, dat is een fijn idee. Kerst vieren we lekker thuis, in Kato Gatzea, en stiekem hoop ik op een paar zonnige dagen. Zo’n wit laagje over het land hoeft voor mij niet, geef mij maar een zonnige kerstbarbecue in de tuin. Maar eerst gaan we nog een beetje Sinterklaas vieren, met alle lekkernijen die gisteren bij ons arriveerden in de grote doos die vriendin Petra na haar terugkeer in NL voor ons vulde en opstuurde. Gevulde speculaas, marsepein, een banketletter en nog veel meer lekkers kwam er uit die doos tevoorschijn, dus dat gezellige avondje hier in het Griekse zit wel goed. Wij gaan er in ieder geval lekker van genieten, en ik wens u daar in het koude Nederland alvast een gezellig Sinterklaasfeest toe – met een lieve Sint en Pieten in welke kleur u ook maar bevalt 😉

♥♥♥♥♥

Klik op de foto voor een grotere afbeelding!

 

Even bijkomen!

Tijd voor een klein feestje: het eerste deel van De Rozen van Beekbrugge is geschreven. Gisteren heb ik op de verzendknop gedrukt en het manuscript naar de uitgever verzonden. Het grote werk is gedaan, nu mag de uitgever ermee aan de slag om het ‘af te maken’ opdat u in juni 2018 een mooi boek onder ogen zult krijgen. Rustig achterover leunen is er voor mij helaas niet bij, want tegen die tijd moet ik deel twee af hebben, en begin ik alweer aan deel drie. Nooit eerder heb ik in zo’n strak schema hoeven schrijven, en voor iemand die van nature geen lange termijn denker is, is dat best even wennen. Voor mij is 2019 echt verschrikkelijk ver weg, ik heb al moeite met plannen maken voor de komende kerst.

Blij ben ik op dit moment in ieder geval wel. Blij dat het boek af is, blij dat de klus geklaard is. Ik neem u even terug naar eind vorig jaar, toen ik eigenlijk het vaste voornemen had niet langer ‘professioneel’ te schrijven. Zo af en toe een feuilleton-aflevering voor mijn eigen plezier, een paar redactieopdrachten als ik er zin in had, lekker in april drie weken naar Nederland, een weekendje naar Thessaloniki in juni, een lange luie zomer… ik zag het allemaal voor me. En toen kwam patsboem de vraag of ik voor HarperCollins een trilogie wilde schrijven. Ik heb er toch wel even goed over nagedacht. Niet zozeer omdat ik het niet wilde, maar meer omdat een boek schrijven niet iets is wat je ‘tussendoor’ doet. Daar moet je voor gaan zitten, daar moet je heel gedisciplineerd heel hard aan werken, en als je eraan werkt, dan ben je eigenlijk alleen maar bezig met… schrijven en blijft er weinig tijd over voor andere dingen.

Mijn beslissing kent u inmiddels, want ik heb inderdaad ja gezegd, het contract ondertekend en ik heb dat boek geschreven – ondanks alles wat er ondertussen gebeurde. Het was niet de fijnste zomer die een mens kan hebben, laten we het daar maar op houden. Maar het boek vorderde gestadig, en eind september was de eerste ruwe versie af. Nu is een 1e versie zelden de definitieve versie. Er moet altijd wel iets aan geschaafd en verbeterd worden, maar over het algemeen zijn dat kleine dingetjes. Erger is het als je na het teruglezen van wat je hebt geschreven een beetje verbijsterd tot de conclusie komt dat je ergens halverwege met een ‘zijlijn-verhaal’ bent verdergegaan en daardoor de hoofdlijn uit het oog bent verloren. Dat overkwam mij dus met dit boek, waardoor het manuscript op het eind behoorlijk de mist in was gegaan. In de afgelopen maand heb ik die laatste hoofdstukken dan ook flink op zijn kop moeten zetten. Ik heb heel veel geschrapt en heel veel herschreven en tot mijn stomme verbazing lukte dat ook nog eens binnen de geplande tijd. En nu ligt die verbeterde versie dus bij de redactie die het in de komende weken zal voorzien van kritische feedback waarna ik de laatste puntjes op de i mag zitten.

Maar eerst is het tijd voor een feestje. Ik had mezelf na afloop van het schrijven een heerlijk weekje vakantie beloofd, iets om naar uit te kijken en een extra stok achter de deur om de deadline te halen. Aanstaande zaterdag vertrek ik naar Noord Griekenland, waar ik samen met vriendin Petra de regio rond het Kerkini-meer ga ontdekken. Ik heb er heel veel zin in en zal jullie natuurlijk via Facebook op de hoogte houden van onze avonturen. Als ik terug ben zal er ook vast wel een column komen voorzien van foto’s, want de camera gaat uiteraard mee. De komende dagen staan echter in het teken van voorbereiden en pakken, maar vooral ook van uitrusten, zodat ik vanaf zaterdag lekker kan gaan genieten van mijn vakantie. Een heerlijk vooruitzicht!

♥♥♥♥♥

Werk in uitvoering

De herfst is deze week ook in Pilion aangekomen. Regen, wind, en een temperatuurdaling van dertig-plus naar zeventien graden! Dat is behoorlijk wennen, na al die hete maanden. Mijn kledingkast is er nog niet op ingesteld, dus het is even zoeken naar iets warmere kleren om het bibberen te stoppen. Het levert behoorlijk vreemde combinaties op, waar ik in Nederland waarschijnlijk niet zo frank en vrij in zou rondlopen. Gelukkig veroorzaakt het in ons kleine dorpje dankzij het Griekse leven-en-laten-leven-principe geen enkele opgetrokken wenkbrauw. Nou ja, alleen van manlief, maar aangezien die er ook niet altijd bij loopt als een George Clooney heb ik daar mooi lak aan.

Nu kom ik ook niet zo vaak buiten momenteel, dat scheelt natuurlijk. Het schrijven neemt al mijn tijd en gedachten in beslag. En het was best een spannende tijd voor me, want twee weken geleden had ik het voor driekwart voltooide manuscript opgestuurd naar de uitgeverij om ‘mee te lezen’. Dat houdt in dit geval in dat maar liefst twee zeer ervaren hoofdredacteuren van HarperCollins Holland hun kritisch oog laten gaan over wat ik tot nu toe geschreven heb om vervolgens aan te geven waar het al dan niet goed gaat en wat er nog aan verbeterd moet worden. Dat meelezen tijdens de schrijffase vind ik doodeng, want ik ben geen schrijver die van tevoren een kant en klare plot uitdenkt. De kans is groot dat ik halverwege het boek paadjes ben ingeslagen die niets te maken hebben met wat er verderop in het verhaal gebeurt. Die kronkels poets ik er altijd pas  aan het eind van het schrijftraject uit. Op driekwart van het verhaal zitten die kronkels er echter nog gewoon in. Gelukkig snappen mijn redacteuren precies hoe ze met mijn warrige manier van schrijven  om moeten gaan. Of misschien schrijf ik wel minder warrig dan ik zelf denk, dat kan natuurlijk ook. Hoe het ook zij, ik kan opgelucht ademhalen. De reactie die afgelopen vrijdag in mijn mailbox viel bezorgde me op voorhand al een fijn weekend:

Hai Wilma, we hebben het manuscript tot dusver zorgvuldig doorgelezen, en we zijn heel erg enthousiast! Het verhaal is romantisch, spannend, goed opgebouwd, met fijne personages, mooie sfeerbeschrijvingen… Kortom, het leest als een trein!

Pff, een pak van mijn hart, dat begrijpen jullie wel. Deze mooie reactie betekent natuurlijk niet dat er verder geen op- en aanmerkingen waren, want er moet echt nog wel het een en ander aangepast worden voor het manuscript zijn definitieve versie heeft bereikt en ik er tevreden mee ben. Hard werken dus de komende vier weken, en weinig tijd voor andere dingen, want de deadline staat op eind van de maand. Heb ik dan daarna weer eindelijk tijd voor mezelf en mijn leven in Pilion? Nou, eigenlijk niet, want boek nummer twee staat al te dringen. Als ik het goed onthouden heb, moet die eind maart alweer ingeleverd worden. Ook de winter zal dus in het teken staan van veel en heel gedisciplineerd schrijven.

De boog kan echter niet altijd gespannen zijn, dus als ik over vier weken mijn deadline heb bereikt, trakteer ik mezelf eerst op een heerlijk weekje weg in eigen land. Het gaat een avontuurlijke vriendinnentrip worden naar Lake Kerkini, een groot natuurreservaat zo’n honderd kilometer boven Thessaloniki, waar waterbuffels, pelikanen, flamingo’s, en nog heel veel andere vogels en diersoorten voorkomen. Na een paar dagen puur natuur trekken we verder naar Drama, om van daaruit een bezoek te brengen aan de beroemde Alistrati-grot. Vanuit Drama zullen we dan per trein terugkeren naar Thessaloniki, waarna vriendin terugreist naar Nederland en ik naar Kato Gatzea.

Kortom, echt iets om naar uit te kijken, en ja, ook wel verdiend na al het harde werken van de afgelopen maanden, toch? Maar voorlopig moet het nog even bij de voorpret blijven, want morgenochtend schuif ik weer netjes achter mijn bureau. Om die laatste lastige hoofdstukken af te schrijven en daarna alle onlogische gedachtekronkels keurig weg te poetsen. Die leestrein van jullie moet natuurlijk wel tot op de laatste bladzijde gewoon lekker voortdenderen… 😉

♥♥♥♥♥