Vakantietijd

Zojuist hebben wij hier onze eerste (gezouten) haring op Griekse bodem genuttigd. Een mijlpaal, want tot op heden was deze typisch Hollandse lekkernij alleen aan mij voorbehouden – tijdens mijn reisjes naar Nederland. Manlief moest het dertien jaar zonder doen, en als rasechte Rotterdamse zeeman, getrouwd met een volbloed Haringkop (zoals wij Vlaardingers genoemd worden) valt dat natuurlijk niet mee. De verrassing om in de schappen bij de Lidl zomaar ineens schoongemaakte rauwe haring te zien liggen, was dan ook groot. Oké, het was geen boterzachte Hollandse nieuwe, maar volwassen exemplaren en ze waren wel heel erg sterk gepekeld, maar toch… Als je het dertien jaar zonder hebt moeten doen, dan smaakt zoiets alsof er een engeltje over je tong fietst.

Het was sowieso een week vol ‘verrassingen’, want na een heel jaar lang gestaard te hebben naar de opgevouwen opblaasbare tweepersoonskano – vorige zomer in een opwelling gekocht – zijn manlief en ik gisteren toch maar eens een keertje samen de zee opgegaan. In die kano dus. Wonder boven wonder zijn we niet omgeslagen bij het instappen, hebben we elkaar niet halverwege een klap verkocht met de peddel, en gleden we zonder al te veel gekibbel in bijna perfecte harmonie over het blauwe water van de Pagasitische Golf. Nou ja, dat vond ik. Manlief had wat problemen met mijn afwijkende ritmegevoel wat betreft het peddelen, maar dat was zijn probleem. Toch?

We zijn ‘helemaal’ naar de verderop gelegen camping Hellas gepeddeld, tussen de aangemeerde boten, de rotsen bij de bocht en de zwemmers bij de camping door. Lekker dicht bij de kust dus, want voor iemand die niet in zee gaat zwemmen zonder luchtbed is een kanotocht op volle zee iets te veel gevraagd. Dit eerste tripje was precies goed voor mij en het kopje koffie op de camping smaakte me dan ook uitstekend. Gezellig was het er ook. We zaten nog maar net toen aan het tafeltje naast ons twee dames, vier kinderen en één man neerstreken. Ze kwamen nog net niet bij ons op schoot zitten, maar het scheelde niet veel. Nu is dat hier vrij gewoon, hoor. Neem een bijna leeg strand, leg er je handdoekje neer, en geheid dat de Griekse familie die na jou arriveert zich installeert op nog geen meter afstand van jouw handdoekje. Ondanks dat bijna lege strand.

Het maakt het sociale contact er wel makkelijker op. Nog geen vijf minuten later zaten we gezellig te kletsen met de dames. De man had zich met de kids en luchtbed naar zee begeven – maar wel pas nadat hij en de kinderen liefdevol van top tot teen waren ingesmeerd door zijn vrouw en, zoals later bleek, de moeder van drie van de kinderen. Ze kwamen allemaal uit Thessaloniki, waren een paar dagen eerder gearriveerd voor een vakantie van drie weken en keken uit naar het hoogtepunt van de Griekse grote vakantie: Maria Hemelvaart op 15 augustus. In de loop van het gesprek hoorden we dat de moeder van drie kinderen mondhygiëniste was, haar man tandarts en dat de andere dame één kind had en een fulltime baan als advocaat. Of ze ook een man had, weten we (nog) niet, maar mochten we hen nog een keer tegenkomen dan zal ons dat ongetwijfeld ook uitgebreid verteld worden. Het tekent de openheid van de Grieken, zulke gesprekjes. We hebben er al vele gevoerd in de afgelopen jaren, steeds vaker geheel in het Grieks, iets waar we best wel trots op zijn. Dat je zowaar eindelijk écht gaat verstaan waar ze het over hebben… dat geeft de burger moed, zeker weten.

En als we het nu toch over moedige burgers hebben… Ruim een week na de bosbrandramp bij Matia is het nu en de eerste onvoorstelbare dagen van verbijstering, verdriet, woede, pijn en rouw liggen achter ons. Terwijl ik dit schrijf, houdt de militaire luchtbasis aan de andere kant van de Golf blijkbaar een oefening, want het zware gedreun van overvliegende helikopters overstemt zowaar het gekrijs van de krekels. Ik weet alleen (nog) niet zeker of het een oefening is. Het kan ook betekenen dat er achter ons in de bergen een vuurhaard is ontdekt. Wat bij Mati gebeurde, kan namelijk overal aan de Griekse kusten gebeuren, ook hier. De hevige bosbranden van 2007, waarbij hier in Pilion 10% van de bossen in de as werd gelegd, liggen nog vers in ons geheugen. Tot aan Afissos en Milies naderde het vuur, en wij in Kala Nera keken met angst in ons hart naar de vlammen die ’s nachts metershoog uitkwamen boven de bergtoppen achter ons. Wij hadden geluk. De harde wind ging liggen en na vijf spannende dagen waren de branden onder controle.

De mensen in Mati hadden dat geluk niet. Tijd om te evacueren kregen ze niet. Binnen een kwartier was het vuur ‘over de berg heen’, en moesten ze letterlijk rennen voor hun leven. Tweeënnegentig mensen verloren daarbij dat leven. Doodgewone mensen zoals u en ik: bewoners, vakantiegangers met en zonder kinderen… De ‘gelukkigen’ die het overleefden zijn alles kwijt: huis, haard, verleden, toekomst. Sommigen liggen nog in het ziekenhuis, vechtend voor hun leven. Anderen dwalen huilend over de zwartgeblakerde puinhopen, op zoek naar vermiste familieleden, naar hun achtergebleven huisdieren… Hulp in de vorm van goederen, geld en vrijwilligers stroomt gelukkig van alle kanten toe. Het kan dat wat verloren is gegaan niet goedmaken, maar het kan het leven na de ramp wel een heel klein beetje makkelijker maken voor iedereen die erbij betrokken is. En dat zijn er velen.

Mocht u willen helpen, dan kunt u dat het beste doen door een bijdrage, hoe klein ook, over te maken op de noodrekening die de gemeente Rafinas, waartoe ook Mati behoort, meteen na de ramp speciaal voor hulp aan de slachtoffers, mens en dier, heeft geopend. Daarnaast zijn er vele grote en kleine stichtingen actief, waaronder het Griekse Rode Kruis, waarvan ik hier ook het rekeningnummer vermeld.

Municipality of Rafina/Pikermi
Piraeus Bank
ΙΒΑΝ: GR20 0172 1860 0051 8609 2291 418
ΒΙC/SWIFT: PIRBGRAA

Hellenic Red Cross
Eurobank Greece
IBAN: GR6402602400000310201181388
BIC/SWIFT: ERBKGRAAXXX

De helikopters van de luchtmacht zijn inmiddels teruggekeerd naar hun basis. Het was dus toch een oefening, want ik hoor geen sirenes of andere ‘enge’ tekenen die zouden kunnen wijzen op brand of andere rampen. Gelukkig maar. We hopen immers allemaal dat zulke vreselijke rampen onze deur voorbij zal gaan. En meestal gebeurt dat ook.

Meestal, maar helaas niet altijd…

♥♥♥♥♥

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.