Bloemetjesplukdag

Kaló Mína, Kalí Protomagiá! Dat is de wens die vandaag overal in Griekenland te horen is. Het strooien met wensen doen we hier graag. Behalve de goede maand (mina)-wens, gunnen we iedereen op elke nieuwe maandag ook een goede week. Valt dat op de eerste van een nieuwe maand, dan wordt het dus een dubbele wens. Je moet het maar weten. En dan heb ik het maar niet over alle verschillende wensen bij feestelijkheden als bruiloften, dooppartijen en natuurlijk de naamdag, die voor een Griek de plaats inneemt van ‘onze’ verjaardag. Ik breek regelmatig mijn tong erover en heb nog steeds de bibbers als ik naar een condoleance moet. Het ‘silipitiria’ (συλλυπητήρια gecondoleerd) lijkt best veel op ‘singariteria’ (συγχαρητήρια gefeliciteerd) en ik moet dus altijd heel goed nadenken om het juiste woord uit te spreken als ik de bedroefde familieleden de hand schud. ‘Gefeliciteerd’ is niet wat je hun op zo’n moment toe wilt wensen.

Vandaag is het niet alleen de eerste dag van de maand, het is de eerste dag van de Meimaand (Protomagiá). En waar elders in Europa de eerste mei met ernstige gezichten gevierd wordt als de Dag van de Arbeid, vieren we hier het Begin van de Lente. Wat geheid heel wat vrolijker gezichten oplevert dan zo’n dag van de arbeid, want wie wordt nu niet vrolijk van de lente? Mijn buren in ieder geval, want terwijl ik dit stukje voor u schrijf, draait op nog geen drie meter afstand van mijn werkkamer aan de andere kant van de tuinmuur een sappig geitje rond aan het spit. De radio op de muur spuwt onafgebroken Griekse muziek uit, en begeleidt het belangrijke werk van de buurman: toezicht houden op het draaien en regelmatig het vlees insmeren met olijfolie. Uiteraard onder het genot van een glaasje tsipouro, want de keel moet ook gesmeerd worden. De vrouwen dekken ondertussen de tafel en zorgen voor salades, brood en andere bijgerechten. Na een uurtje of vier – of wanneer het oog van de meester heeft besloten dat het vlees gaar is – gaan de vele inmiddels in de tuin verzamelde familie en vrienden aan tafel om te genieten van het goede der aarde.

Behalve zo’n feestelijke barbecue – overal in de parken en olijfgaarden zie je vandaag families met zo’n meegebrachte grill picknicken – is de eerste mei voor de Grieken vooral een dag waarop je de velden in gaat om bloemetjes te plukken en kransen te vlechten. De kransen worden mee naar huis genomen en opgehangen aan de voordeur of het hek. Dat uitbundig vieren van de lente en het eren van de natuur is al eeuwenoud. In Nederland is dat helaas verdrongen door die serieuze Dag van de Arbeid, maar vroeger hadden we ook in Nederland op de eerste mei een vrolijke meiboom-viering, waarbij in het wit geklede jongedames rond een met lange linten versierde meiboom dansten. In het fotoalbum van mijn moeder zag ik daar nog leuke plaatjes van. Zelf ken ik deze traditie meer vanuit Engeland, waar op het platteland die meiboom-viering nog uitgebreid gevierd wordt.

Ik houd ervan, dat vieren en eren van wat de natuur ons allemaal geeft. Het zit een beetje in de familie, want had ik u al eens verteld dat mijn (Canadese) nicht Joanna van der Hoeven een beroemde en zeer professionele Druïde in Engeland is? Joanna’s boeken over de filosofie van de Modern Druidry zijn stuk voor stuk bestsellers in dit genre, en haar visie op het leven – Live it, as fully and as aware as you can – spreekt ook mij erg aan. Ik ben helaas iets te vroeg geboren en misschien ook wel in het verkeerde land om mijzelf alsnog te bekwamen in de leer der Moderne Druïden, maar het respect voor de natuur dat deze beweging uitdraagt is zeker iets wat bij mij aanslaat. Klinkt het heel gek om hardop te zeggen dat ik in Joanna eigenlijk wel een jongere, ‘vrijere’ uitgave van mezelf terugzie? Zelfs mijn liefde voor muziek en dansen heeft ze in haar genen meegekregen, want ze is al jaren de leidster van een succesvolle buikdansgroep en schrijft en zingt wonderlijk mooie melodieën. Ik heb heel veel bewondering voor de manier waarop zij een onderwerp dat door velen toch wat lacherig wordt afgedaan – druïden en heksen kom je nu eenmaal niet dagelijks tegen – aan de wereld weet te presenteren en ben er dan ook supertrots op haar tante te zijn!

Aan de andere kant van de tuinmuur is het feest van de eerste mei inmiddels in volle gang. De zon schijnt en op straat zie ik hele families gezellig keuvelend voorbijkomen met in hun armen grote bossen wilde bloemen waar vanmiddag mooie kransen van gemaakt gaan worden. Het is feest om me heen, en ik houd mijn Dag van de Arbeid dan ook met liefde voor gezien. Ik ga u verlaten om uitgebreid de lente te vieren – weliswaar zonder gebraden geitje, maar met heel veel genieten van al die zonnige bloemen in mijn heerlijke tuin… 😉

♥♥♥♥♥

Dubbelroman Griekse Zomers

Een heel goed begin van de zomer! Twee van mijn niet meer te verkrijgen romans worden opnieuw uitgegeven! ‘Zomerdroom’ en ‘Een Zomernacht’ (eerder gepubliceerd als Bouzouki Boogie) nu samen in één dubbelroman: GRIEKSE ZOMERS verschijnt in juli 2018 en is nu al te reserveren. Dat wordt een heerlijk lange luie leeszomer

Klik hier of op de foto voor meer informatie.

♠♠♠

 

Column jubileum!

Vandaag precies tien jaar geleden plaatste ik mijn eerste Leven in Pilion-column. ‘Huisdieren’ was de titel daarvan, en u kunt hem onder aan dit verhaal nog een keer lezen. Het was een noodgedwongen korte column, want het uploaden naar de website duurde in die tijd letterlijk uren. Ik herinner me dat de gemiddelde snelheid nog geen 56 kBs was, en aangezien we een inbelverbinding hadden, betaalden we per telefoontik. Hoge telefoonrekeningen konden we ons niet veroorloven, dus een strikt internetbeleid was pure noodzaak.

Sindsdien is er veel veranderd. Tegenwoordig hebben we snel en goedkoop internet, zodat ik u iedere maand zeer uitgebreid kan vertellen wat er bij ons allemaal gebeurt. Foto’s erbij plaatsen is geen enkel probleem, in een handomdraai staan ze erop. Het dagelijks contact met Nederland is zo vanzelfsprekend geworden, dat ik me niet eens meer kan voorstellen hoe anders het was in die begintijd. Hoe ik voor een simpel ‘bijpraat-telefoontje’ met de familie naar de telefooncel in het dorp moest, gewapend met een telefoonkaart die zorgvuldig uitgezocht was op ‘bellen met het buitenland’. En als de dorpstelefoon het dan deed – want dat was ook altijd afwachten – dan moest je maar hopen dat de verbinding niet al te veel kraakte of dat er geen zware vrachtauto’s langs denderden. Het nodigde allemaal niet uit om ontspannen bij te kletsen, laten we het daar maar op houden.

Bij gebrek aan goede communicatiemiddelen waren de columns in die begintijd dan ook vooral bedoeld om onze familie en vrienden op de hoogte te houden van onze avonturen. In de loop der jaren wisten echter steeds meer ‘vreemde’ mensen de weg naar mijn website te vinden, en toen ik wat meer bekendheid kreeg als schrijfster, kwamen er nog meer trouwe lezers bij. En dan was er ook nog de categorie ‘vakantiegangers’, op zoek naar informatie over Pilion. Veel was er destijds niet te vinden op het net, en zo kwamen ze dan al snel bij mijn website uit. Ik kreeg zo vaak een mailtje met toeristische vragen, dat ik het ‘gidsje voor bezoekende vrienden’ oppimpte, en er een heuse reisgids van maakte, die via een mailberichtje aan mij besteld kon worden.

Het uiterlijk van de website veranderde drastisch toen ook wij snel internet kregen. Het archief moest opgeschoond, waarna de ‘oude’ columns werden gebundeld in het boekje ‘Leven in Pilion’. Er kwamen aparte pagina’s over mijn romans en de reisgids, en overal kon ik foto’s plaatsen, zonder me af te vragen hoelang het uploaden zou duren en wat dat zou gaan kosten. Maar door al die jaren en alle veranderingen heen, bleef één ding altijd bestaan: de maandelijkse column. Ik vind het ongelooflijk dat ik u al zoveel jaren lang mag vertellen over onze avonturen. Ik vraag me echt serieus af of u het niet vreselijk zat wordt, altijd dat geneuzel van mij over onze te warme zomers en te koude winters, over mijn gekissebis met manlief, mijn gejammer over pijntjes en kwaaltjes. En dan heb ik het maar niet over al dat huisdier-gemekker. Ik kan me heel goed voorstellen dat u er af en toe schoon genoeg van hebt. Dat mag, hoor. Een maandje overslaan is helemaal niet erg!

Tien jaar is niet niks. Om dat een klein beetje te vieren heb ik onlangs een aantal van de nieuwere columns, met name die over toeristisch Pilion gaan, gebundeld in een e-book: De smaak van water. U kunt het e-book gratis downloaden als u zich aanmeldt via de link Aanmelden rechtsboven op de website. Op de een na laatste pagina vindt u bovendien een kortingscode, waarmee u tot 30 april 2018 € 2,50 korting krijgt op de reisgids Een Hollandse Kijk op Pilion. Als u die code doorgeeft bij uw reisgidsbestelling, dan verreken ik dat meteen bij het doorgeven van de betalingsdetails. Heeft u het e-book al, omdat u reeds geabonneerd bent op mijn site, en wilt u graag gebruik maken van de reisgidsaanbieding, laat me dat dan even weten via een berichtje op het contactformulier, dan komen we daar samen wel uit.

Rest mij nog u allen heel hartelijk te bedanken voor het lezen van mijn columns. Dat ik mij al tien jaar lang columniste mag noemen komt geheel en al door uw trouwe bezoekjes. Ik hoop dat u mijn columns blijft lezen, dan blijf ik ze schrijven. En wie weet, misschien ontmoeten we elkaar ooit in het echt op ‘ons’ prachtig groene, mooie schiereiland… 😉

♥♥♥♥♥

De allereerste websitecolumn: Maart 2008 – HUISDIEREN

Vandaag ben ik al om acht uur opgestaan. Vroeg voor mijn doen, want normaal gesproken begint mijn werkdag pas rond negen uur. Zorro, de zwerfkat die zich af en toe verwaardigt om te blijven slapen, had het wel gezien bij ons en vond dat er maar eens wat leven in de brouwerij moest komen. Meneer wilde zijn ontbijt, iets wat hij zeer duidelijk kenbaar maakte door luid miauwend door de gang heen en weer te drentelen. Uiteraard werd hij door mij, nog een beetje slaperig, onmiddellijk op zijn wenken bediend. Zorro is nu eenmaal geen kat die zich lang laat negeren. Tevreden likkebaardend verdween hij na het eten meteen naar buiten, ongetwijfeld op zoek naar het vrouwvolk, dat regelmatig op en rond ons balkon huist.

Voor de goede orde: wij hebben géén huisdieren. Toen wij hier kwamen wonen, hebben we dat heel duidelijk met elkaar afgesproken. Kijk, dat de overgebleven etensresten naar de zwerfkatten gaan, vinden we eigenlijk wel normaal. Voor het geval er niets overblijft, hebben we altijd wel een zak kattenbrokken in huis. Die beesten hebben het in de winter immers al zwaar genoeg. En Zorro, ach, die mag best een paar uurtjes op de stapel hout naast de kachel liggen. Het arme dier is per slot van rekening ook niet meer een van de jongsten. Dan hebben we Pluto, de halfblinde hond van de taverne. Als die bibberend in de regen op onze deurmat zit, nou ja, dan mag hij best een nachtje komen logeren, toch? En zeg nou zelf, wat kun je doen als poes Punkie, ook een van de zwerfkatten,  zich midden in de nacht via de openstaande balkondeur met haar vier pasgeboren kittens op het logeerbed installeert? Dan maak je toch een kraambed van de wasteil op het balkon? Oké, dat ze dan een paar weken later met zijn vieren tegelijk op je schoot springen wanneer je rustig je ontbijtkoffie op het balkon wilt drinken, ja, dat hoort er gewoon bij.

Maar huisdieren? Nee, hoor, die hebben we niet…

* * * * *

 

Hete dagen

We krijgen een zware hittegolf, zei de weerman vorige week, een paar dagen voor ik naar Thessaloniki afreisde voor een 4-daags citytripje met schoonzus uit NL. Hij kreeg gelijk. De eerste twee dagen vielen mee, met temperaturen rond de tweeëndertig graden, maar op dag drie bereikte het kwik al snel de zesendertig. In de schaduw welteverstaan. En dat is warm als je je in een stad bevindt. Heel warm.

Het heeft ons er echter niet van weerhouden om er enthousiast op uit te trekken en toch alle bezienswaardigheden te bezoeken die we op het programma hadden staan. Kwestie van niet al te laat opstaan, op het heetst van de dag een museum induiken en rond vier uur de koelte van de hotelkamer opzoeken. Om na een verfrissende douche tegen acht uur weer helemaal klaar te zijn voor de maaltijd in een gezellige taverne.

Thessaloniki is een verrassende stad, vol met monumentale overblijfselen uit een rijk cultureel verleden. Kerken, gebouwen, musea… wandelend door het stadscentrum kom je ze allemaal tegen. Het is echter ook een moderne studentenstad, met heel veel trendy loungebars, hippe cocktailtjes en chique designerwinkels. En juist die combinatie tussen oud en nieuw maakt deze stad zo interessant, want de Byzantijnse en Turkse invloeden zijn gewoon overal te zien, naadloos verweven in de hedendaagse hectiek van een moderne grote stad.

De spectaculaire ligging tussen de Egeïsche zee en de bergen maakt het nog aantrekkelijker om er een paar dagen rond te dwalen, dus mocht u nog op zoek zijn naar een citytripbestemming, dan kan ik u Thessaloniki van harte aanbevelen. Met Transavia vliegt u er vanuit Amsterdam in nog geen drie uur naartoe tegen een schappelijke prijs, en een hotel is via Booking.com snel te boeken. Wij logeerden in hotel Olympia, met uitzicht op de oude Romeinse Agora, en waren daar heel tevreden over. Uitstekende service, zeer uitgebreid ontbijt, moderne kamers met airco en alles op loopafstand. Nog een insider-tip: voor € 22,00 boekte ik – ook via Booking.com – vooraf een luchthaventaxi naar het hotel, inclusief meet&greet en fooi. Schoonzus werd keurig opgewacht in de aankomsthal, hoefde zelf niet te sjouwen met haar koffer en werd nog geen drie kwartier na aankomst op de luchthaven netjes bij mij in het hotel afgeleverd!

Het enige minpuntje tijdens ons tripje was dat de Griekse vuilnismannen juist deze periode hadden uitgekozen voor een langdurige nationale staking. Gecombineerd met de hittegolf veroorzaakte dat binnen een paar dagen een doordringende stank, die met het uur erger werd. In dat opzicht waren we blij dat we na vier dagen vertrokken, want als je na een lekkere maaltijd langs metershoge stinkende afvalhopen naar je hotel loopt, is door je neus ademhalen echt niet aan te raden. De staking is na ons vertrek nog een paar dagen doorgegaan – bij temperaturen van tegen de veertig graden! – wat voor de inwoners een regelrechte ramp moet zijn geweest. Gelukkig wordt inmiddels het vuil weer opgehaald, is de stad schoongespoten en de stank verdwenen. Of de vuilnismannen hebben gekregen waarvoor ze staakten, weet ik niet, maar ik was wel heel erg blij dat de vuilnismannen van Kato Gatzea het werk níét hadden neergelegd. De frisse lucht in ons kleine dorpje aan zee was een welkome verademing – letterlijk dus!

En zo ben ik alweer bijna een week terug op het honk. Na al het gereis van de afgelopen maanden hoop ik echt dat ik mijn koffer nu langdurig in de kast kan zetten en mijn gewone leven weer op kan pakken. Alle hectiek en emoties hebben een flinke wissel getrokken op mijn conditie, wat zich uit in extreme vermoeidheid en een oplaaien van allergieën. Een duidelijke waarschuwing dus dat mijn lichaam uit balans is en dringend behoefte heeft aan een pas op de plaats met voldoende rust en ontspanning.

Nu valt dat niet mee met een Manuscript in Wording wachtend op mijn bureau, en al helemaal niet bij temperaturen die nog steeds dagelijks oplopen tot bijna veertig graden. Nou ja, rusten doe ik daardoor wel, want ik lig nu noodgedwongen meermalen per dag op apegapen in mijn bed onder de airco, omdat het buiten nauwelijks te harden is. Werken gebeurt echter op tijden waarop ik mij normaal gesproken nog zeker twee keer omdraai, maar vroeg naar bed – broodnodig om aan mijn acht tot negen uur slaap te komen – is er helaas niet bij, want door de extreme hitte eten we veel later dan anders. Uit eten gaan is nu een betere optie dan zelf koken, maar zelfs naar een restaurant aan de boulevard lopen is bij negenentwintig graden in de ondergaande zonneschijn al een opgave. Kortom, als we om negen uur aan de maaltijd zitten, is dat voor deze periode een mooie tijd. Alleen niet als je eigenlijk om halfelf naar bed had gewild… Afijn, niets nieuws onder de Griekse zon: onze zomer in Pilion is net als altijd gewoon héét!

Voordeel van ‘s nachts weinig slapen en vroeg op is wel dat ik zo heel af en toe toch kans zie om mijn ‘niet-meer-zo-dagelijkse 30-minuten wandelingetje’ te maken, ook al zo’n broodnodig iets om mijn gezondheid weer op te krikken. De nieuwe camera gaat steevast mee en wat is het toch leuk om de ‘gewone’ dingen van mijn dagelijkse Griekse omgeving vast te leggen. Iedere keer weer neem ik me voor om dat de volgende dag ook te doen, maar zo’n koel ochtenduurtje is natuurlijk ook ideaal om even deze column te schrijven. En aangezien het inmiddels kwart over negen is en de thermometer buiten alweer achtentwintig graden in de schaduw aangeeft, lijkt het me beter om dat wandelingetje  vandaag toch maar over te slaan. Dit weekend moeten we nog even door zien te komen, vanaf maandag gaat de temperatuur als het goed is weer terug naar maximaal zevenentwintig, een verademing na de extreem hoge temperaturen van de afgelopen tien dagen. En uiteraard véél aangenamer weer om gezondheidswandelingetjes te maken!

Wat mijn verdere plannen voor vandaag betreft… Ach, ik denk dat ik nog maar even terugga naar bed. Lekker die broodnodige uurtjes verloren slaap inhalen 😉

♥♥♥♥♥

 

Citytrip Thessaloniki 2017  (klik op de foto om de afbeelding te vergroten)

 

 

 

 

 

Druk? Welnee!

Er zijn zo van die weken dat mijn bezigheden in het teken van mijn privéleven staan. Nu ligt mijn hart over het algemeen redelijk op mijn tong, dus zo heel privé zijn die bezigheden ook niet, maar ik bedoel ermee dat ik de laatste tijd de focus even niet gericht had op mijn openbare Griekse schrijversleven, waardoor de column van 1 april – nee, geen grap – mij even ontschoten was.

De reden was heel simpel: manlief was een aantal dagen naar Athene, wat betekende dat ik er hier thuis alleen voor stond. Ook niet zo erg, maar over tien dagen vertrek ik naar NL, wat achter de schermen altijd een hoop geregel geeft, omdat ik in twee weken tijd met het openbaar vervoer van west via noord naar oost ga reizen – en daarna weer terug naar het westen. Als het dan ook nog eens paasvakantie in NL is, dan levert het organiseren van zo’n reis toch wat extra problemen op. Tickets zijn ineens twee keer zo duur, B&B’s – voor een gezellig weekendje met zoonlief – hanteren prijzen die in andere periodes voor viersterrenhotels gelden, en vrienden waar ik altijd terechtkan voor een slaapplaats zijn toevallig net zelf op vakantie. Kortom, het vergde iets meer geregel dan anders om efficiënt en betaalbaar gebruik te maken van de tijd die ik heb en ook nog een beetje te genieten. Maar ik geloof dat ik dat nu allemaal redelijk rond heb!

Die vier dagen alleen thuis werden veroorzaakt door een bijna verlopen paspoort van manlief, dat hij als Nederlander-in-Griekenland persoonlijk in Athene moest laten verlengen. Nu is dat een treinreis van ruim vijf uur, en zijn, zoals ik eerder al in mijn Vlaardingse column schreef, de openingstijden van de ambassade dusdanig dat je dat niet op één dag kunt doen. Geen probleem, een citytripje op zijn tijd is ook heel leuk. Niet samen helaas, dat is wat lastig vanwege de diertjes, maar ach, manlief vermaakt zich ook goed in zijn uppie. Alleen hebben wij niet voor niets de werkverdeling zoals we die hebben: ik ben de expert in dingen uitzoeken, manlief is de beste in het draaiend houden van ons huishouden en alles wat daarbij komt. Zijn citytripje uitzoeken, boeken en afspraken regelen deed ik dus en passant even tussen mijn eigen trip-geregel, redigeer- en schrijfwerk door. Om vervolgens tijdens zijn afwezigheid de verzorging van ons huishouden, tuin en dieren over te nemen en ondertussen te proberen mijn werkopdrachten af te krijgen vóór ik vertrek.

En toen viel een paar dagen voor manliefs vertrek mijn vulling eruit…

Tandartsbezoek was nodig, maar zoals jullie onderhand wel weten is ‘even’ naar Volos met het openbaar vervoer er hier niet bij. Ook nu niet, want op de terugweg kreeg de bus panne, en stonden we drie kwartier gelaten te wachten op redding. Maar… de tandarts was een gezellige vent, en het vullen verliep pijnloos, dat maakte veel goed. Voor de eveneens nodige grote schoonmaakbeurt moest ik echter eind van de week – tijdens manliefs afwezigheid dus – nog een keer terugkomen, aansluitend op een bezoek aan een collega-tandarts die meer kennis had van wat ik maar aan zal duiden als ‘wat specifieke tandproblemen’, overgebleven uit mijn NL-tijd. Uit het consult bleek dat een en ander wel opgelost kan worden, maar omdat de ingrepen van destijds al behoorlijk verouderd waren, moet de tandarts er behalve een bestelling voor doen – die hier in Greece weken kan duren – ook nog eens een nieuw stuk gereedschap voor aanschaffen… hetgeen uiteraard op de een of andere manier in de toekomstige rekening verwerkt zou moeten worden. Kortom, als ik nu toch naar NL ging, was het misschien voor alle partijen makkelijker om bij mijn voormalige NL-tandarts langs te gaan.

Afijn, daar had ik in mijn toch al strakke reisschema natuurlijk geen rekening mee gehouden. Maar met een beetje schuiven kon het net. En gelukkig, de tandarts in NL reageerde meteen op mijn noodkreetmailtje: helaas is de praktijk net die week gesloten, maar… we kunnen wel een afspraak voor je maken bij ons laboratorium om het probleem te verhelpen. Hoera!!! Dat zijn toch de ‘fijne’ dingen van NL, die ik hier wel eens mis. Alles loopt in NL net even iets makkelijker dan hier! Dus met een beetje geluk gaat dat nu allemaal goedkomen.

Dit speelde allemaal afgelopen vrijdag, en de zaterdag erna stond uiteraard in het teken van manliefs thuiskomst. Want na vier dagen was een stofzuiger door het huis natuurlijk wel nodig, en die viooltjes die hij voor vertrek voor me had meegebracht moesten ook nog even geplant, er moest nog een wasje gedraaid, houtjes voor de kachel gehakt, afgewassen, de hond uitgelaten… en ik moest rond elf uur naar de kerk vanwege een 40-dagen herdenkingsdienst voor de buurvrouw die vorige maand overleden is. Dus wekker gezet om negen uur, kon ik lekker op mijn gemak even wakker worden voor ik aan de slag moest. Ja, echt niet! Vijf voor elf werd ik wakker! Grote schrik, want ik kon het niet maken om níét even mijn gezicht te laten zien in de kerk. We hadden de begrafenis namelijk ook al gemist! Dus snel kattenwasje, in de kleren geschoten en zonder koffie gauw richting kerk. Zie ik gelukkig een andere buurvrouw, maar… niet in de buurt van de kerk, wat raar was. Verwarring bij mij dus. Had ik het verkeerd gelezen op het pamflet aan de paal? Er had geen tijd op de aankondiging gestaan, maar een herdenkingsdienst is altijd pas rond kwart over elf, halftwaalf  afgelopen, dus hoewel aan de late kant, was ik nog wel op tijd. Buurvrouw keek me ietwat meewarig aan: ‘Op zaterdag begint de dienst altijd een uur vroeger, om halftien in plaats van om halfelf,’ vertelde ze me een beetje pinnig. Ik kromp inwendig in elkaar, want ook als ‘niet-orthodoxe’ had ik dat blijkbaar moeten weten. ‘Maar,’ ging ze iets vriendelijker verder, ‘ze drinken koffie bij De Lachende Papegaai’ (het heet anders, maar ik kan die naam nooit onthouden) ‘dus als je daarheen loopt, kun je de familie nog condoleren.’

En zo zat ik zaterdagochtend om kwart over elf net uit bed bij de Papegaai met de rouwende dochter van de buurvrouw aan de koffie met Metaxa, want als gast wordt je geacht dat te drinken om de ziel van de overledene naar het Paradijs te helpen. Dat ik zo laat was – de meeste andere koffiedrinkers na de dienst waren al weg – werd me gelukkig niet kwalijk genomen. Integendeel, ik werd zelfs uitgenodigd voor de lunch in de taverne ernaast, maar dat heb ik toch maar afgeslagen. Zo goed kende ik de buurvrouw nou ook weer niet. Bovendien moest ik nog een heleboel doen voor manlief thuiskwam.

Al met al begrijpt u nu hopelijk waardoor ik enigszins van slag was door alles en die hele maandcolumn totaal vergeten ben. Ik was heilig van plan om vanmorgen als eerste daarmee te beginnen, maar helaas is vandaag ook niet mijn beste dag. De vriend die onze tuin kwam omspitten stond al om acht uur op de stoep, er kwamen allerlei dringende mailtjes tussendoor, manlief moest om halfelf naar Volos, zodat ik af en toe een hapje en drankje moest verzorgen voor onze noeste werker, tot overmaat van ramp bleek mijn bestaande redigeerbestand beschadigd en niet te openen, zodat ik afgelopen donderdag 6 uur voor niets heb zitten werken en overnieuw moest beginnen, en ik ben door dat alles vanmorgen vergeten mijn B12-injectie te halen. Wat waarschijnlijk de reden is dat ik nu een kort lontje heb…

Pfff, wat een gedoe allemaal, hè? Je zou toch van minder moe worden!

Maar dan… is er nog altijd de tsipouro! Dus toen ik een paar keer diep adem had gehaald en met het tsipourootje naast mijn computer weer bijna op het punt was waar ik afgelopen donderdag was gebleven met corrigeren… herinnerde ik me opeens dat ik nog een column moest schrijven!

Nou ja, gelukkig had ik meer dan genoeg te vertellen 😉

♥♥♥♥♥