Dat heerlijke internet

Het nieuws over de grote aardbeving in Izmir en de Griekse eilanden ging afgelopen vrijdag al heel snel de wereld over, met als gevolg dat ik veel bezorgde berichtjes kreeg met de vraag hoe het met ons was. De eerste kwam van mijn zus, en ik moet eerlijk bekennen dat ik geen idee had waar ze het over had. Wij zitten zo’n 450 km boven Athene, en nog veel verder van Samos, ver buiten de schokgolf die door de beving veroorzaakt werd. Gelukkig maar, want zo’n grote beving, hoe kort ook, kan heel wat leed en schade veroorzaken, daar kan Volos ook over meepraten. Tussen 1954 en 1957 vonden daar drie grote aardbevingen plaats, waarbij tientallen doden vielen en zo’n 20.000 mensen dakloos werden. De hele stad moest daarna opnieuw opgebouwd worden, maar is daardoor inmiddels aardig aardbeving-bestendig. Dat moet ook wel, want ook wij hebben hier door de jaren heen zo af en toe flink zitten schudden. Zonder grote gevolgen, gelukkig, maar de kans dat ons na zo’n lange tijd toch wel weer een keer een echt grote schok te wachten staat, is natuurlijk niet ondenkbaar. Maar ja, als de hemel naar beneden valt, hebben we allemaal een blauwe muts, denk ik dan altijd, dus daar staan we eigenlijk zelden of nooit bij stil. Tenzij er elders in het land ineens zo’n grote beving plaatsvindt. Dan realiseer je je eens te meer dat die ook hier had kunnen zijn…

Al met al ben ik vanwege de ook hier snel oplopende ‘tweede golf’ al vele wekenlang niet meer in Volos geweest. De reis met de bus schrikt me af, want van een 60% bezetting – een van de voorschriften – is geen sprake meer, aangezien de busmaatschappij een aantal busdiensten heeft laten vervallen. Er rijden nu nog minder bussen dan anders op een dag, dus logisch dat die dan helemaal vol zitten. De verplichte maskertjes worden gelukkig wél trouw gedragen, hoorde ik van een vriendin, die iedere dag met de bus naar Volos moet reizen vanwege haar werk. Of het veel helpt weet ik niet, maar feit is dat besmettingen toch veelal plaatsvinden in besloten ruimtes met veel mensen daarin. In dat opzicht hou ik mijn hart vast voor de komende wintermaanden, als iedereen de dagen weer voornamelijk binnenshuis moet doorbrengen. We zijn er voorlopig nog niet vanaf, dat is wel zeker!

Gelukkig speelt mijn normale leven zich ook al grotendeels in en rond mijn huis af, en dit najaar verschilt dan ook niet zo heel veel van andere jaren. Zoals bijna ieder jaar verschijnt er rond deze tijd wel een nieuwe roman van mij, en dat betekent dat ik druk ben met het promoten van mijn boek. Heel leuk was dat ik vorige week zondag uitgenodigd was om samen met een collega-schrijfster uitgebreid geïnterviewd te worden tijden het online World of Romance Event. Superleuk natuurlijk, want uitgebreide interviews geef ik zelden, omdat je dan toch over het algemeen persoonlijk op het event aanwezig moet zijn, en dat is nu eenmaal wat lastig als je in Griekenland woont. Online is echter alles mogelijk – mits je een goede internetverbinding hebt. En ja, alsof de duvel ermee speelde, begon ons toch aardig stabiele internet in de week voorafgaande aan het interview kuren te vertonen.

Het interview zou op zondagmiddag plaatsvinden, en toen ik zaterdagochtend opstond, bleek dat het internet opnieuw was uitgevallen, voor de zoveelste keer die week. Al vanaf vrijdagavond laat, hoorden we van de buurvrouw. De hele zaterdag ben ik dus aan het bellen geweest met de helpdesk, en een ieder die daar ooit mee te maken heeft gehad, begrijpt meteen wat ik bedoel als ik zeg dat het één groot drama was. Mijn frustratie werd alsmaar groter, want dat internet was eraf, en bleef eraf! Tegen het eind van de middag werd me verteld dat het probleem een regionaal probleem was, inmiddels bekend bij de lokale technische dienst, maar dat de werkzaamheden nog zeker twee werkdagen in beslag zouden nemen. Wat betekende dat we in het weekend dus géén internet zouden hebben, want dan werd er blijkbaar niet gewerkt. En geen internet betekende in mijn geval  geen interview!!! Op dat moment heb ik in recordtijd twee tsipouro naar binnen gewerkt. Ik was zo boos, zo machteloos, zo gefrustreerd, zo… teleurgesteld! Ik had er zo naar uitgekeken, zelfs mijn halve kantoor verbouwd om een leuk achtergrondje te creëren naar aanleiding van de tips die ik op YouTube had opgezocht over hoe je jezelf tijdens zo’n voor mij nog onbekend Zoom-gebeuren zo voordelig mogelijk kunt presenteren door o.a. te zorgen voor een goede belichting en een laptop op ooghoogte. En dan zou het dus allemaal niet doorgaan vanwege dat ^@#$%-internet dat altijd werkt – behalve dus als je het echt heel erg nodig hebt!

De tsipouro hielp. Daarna werd ik uiterst praktisch en inventief. Ik laadde 50GB op mijn telefoon, zodat ik het interview dan eventueel via het mobiele netwerk zou kunnen doen, maar helaas bleek dat mobiele netwerk in onze omgeving zeer mondjesmaat te werken. Binnenshuis al helemaal niet, en buiten viel het steeds weg. Dan maar op zoek naar vrienden buiten onze eigen regio, om te vragen of ik die zondagmiddag bij hen te gast mocht zijn en vanaf hun laptop het interview zou kunnen doen. En toen… Toen was er om zeven uur op zaterdagavond ineens weer internet! Wat niet garandeerde dat het er de volgende dag ook nog zou zijn, natuurlijk. Maar de goden waren gelukkig met mij, want om vijf uur zondagmiddag kon ik na alle spannende uren dan toch vanuit mijn eigen vooraf geprepareerde werkkamer de vragen beantwoorden die mij werden gesteld! Pff, wat heb ik ongelooflijk in de rats gezeten.

Het interview verliep echter helemaal prima. De vragen waren een mooie mix tussen werk- en privé, en als je wat meer wilt weten over mij en mijn romans, dan kun je het hier nog eens uitgebreid terugzien. Het hele event duurde anderhalf uur, maar in de dagen erna heb ik mijn aandeel eraan eruit weten te knippen en plakken, zodat het nu nog maar een kwartier durende video is geworden, waarin ik uitgebreid over van alles en nog wat vertel. En omdat ik toch in de promo-mood was, heb ik ook nog snel een booktrailer-video in elkaar geknutseld over mijn nieuwe roman, De Zomer van 1970, die op 29 oktober jl. is verschenen. Die kun je hieronder bekijken. Helemaal zelf in elkaar geprutst, waar ik zeer trots op ben, aangezien ik nog stam uit de tijd dat een elektrische typemachine al een echt technisch wereldwonder was. Mijn boek is trouwens ook leuk geworden, al zeg ik het zelf, dus ben je nog op zoek naar iets te lezen om je tijd binnenshuis een beetje gezellig door te brengen, bestel hem dan snel. Via de boekhandel of dat (niet) altijd werkende internet… 😉

♥♥♥♥♥

 

 

Terrasjes aan zee

De Griekse herfst is nogal onstuimig van start gegaan met een heuse Medicane, die een verwoestend spoor trok over het hele land. In de dagen erna kelderde de temperatuur van tegen de dertig naar zo’n achttien graden, zodat ik de dikke sokken en de warme joggingbroek maar uit de winterkast heb gehaald. Inmiddels liggen ze er ook weer in, want na dat koude herfstweer klaarde de boel snel op, en ze zeggen zelfs dat we komend weekend een ‘kleine hittegolf’ tegemoet kunnen zien. Zeer wisselvallig weer dus, net zo wisselvallig als dat stomme virus dat momenteel ons leven beheerst. Gelukkig gebeuren er ook nog veel positieve en gezellige dingen, en de kunst is natuurlijk om die tussen alle verwarring en angsten door te blijven zien. Mij lukt dat altijd beter als het zonnetje schijnt en de temperatuur op een aangename hoogte blijft hangen, en in dat opzicht valt er de laatste dagen dus weinig te klagen. De uitnodiging om een keertje koffie te gaan drinken met een Duitse Facebook-bekende die een paar dagen op de nabijgelegen camping stond nam ik dan ook graag aan, al ken ik haar niet echt goed. We hebben elkaar in de afgelopen jaren misschien twee of drie keer gezien, dus dat ik de vrouw die mij op de boulevard samen met een man stond op te wachten niet meteen herkende vond ik wel logisch. Op onze leeftijd komt het immers regelmatig voor dat vriendinnen als blonde blommen vertrekken om het jaar daarop als grijze dames weer terug te keren. En die man… Ach, die had ze vast op de camping opgeduikeld, want ik wist heel zeker dat ze single was, omdat ze vanwege een vervelend ex-vriendje haar Facebook-naam een paar keer had veranderd.

‘Goh, ik had je gewoon niet meer herkend als ik je op straat was tegengekomen,’ flapte ik er dan ook meteen uit na de eerste wat voorzichtige begroeting. ‘Staat je goed.’ Ze keek me een beetje raar aan, dus ik voegde er aarzelend aan toe: ‘Jij bent toch Karin? Wij hadden toch afgesproken?’ Ik begon ineens te twijfelen of ik wel de juiste persoon had aangesproken, maar ze stelde me meteen gerust. Ja, zij was Karin en wij hadden afgesproken, we kenden elkaar van FB. ‘Ja, en van mijn vriendin uit Agios Georgios,’ riep ik, opgelucht dat ik het toch goed had gehad. Opnieuw dat fronsen. ‘Nee, die ken ik niet, wel Alex, van de fietsenwinkel,’ zei ze. Dat klopte, want daar huurde ze in het verleden altijd een mountainbike,  maar dat ze die vriendin van mij niet meer kende was wel raar. Juist door haar hadden we elkaar toch leren kennen? Dat leverde alweer zo’n verwarde blik op. ‘Eh… volgens mij hebben wij elkaar nog nooit ontmoet,’ mompelde Karin, die steeds benauwder begon te kijken. ‘We kennen elkaar alleen van FB. Maar na al die jaren leek het me leuk om je ook persoonlijk te leren kennen, dus daarom heb ik je dat berichtje gestuurd…’ Tergend langzaam drong het tot me door dat ik daar dus met een voor mij totaal onbekend echtpaar op de boulevard stond, omdat ik van het begin af aan blijkbaar de verkeerde Karin voor ogen had gehad. Wat een blamage! Maar het volgende moment kon je mij dus tot boven in Agios Georgios horen schateren. Zoiets kan alleen mij maar overkomen, ik zweer het je. Het waren ook helemaal geen Duitsers, maar Zwitsers, en zij heette niet eens Karin maar Karen… Gelukkig is het allemaal goed gekomen, en werd het bij de koffie zo gezellig dat we erna ook nog maar een hapje zijn gaan eten. Zo’n zwoele nazomeravond aan zee wil ik natuurlijk wel goed benutten, of het nou met bekende of ónbekende FB-vriendinnen is.

En zie, gistermiddag zat ik alweer gezellig op een terras aan zee, samen met manlief, ditmaal voor een lunch van tsipouro met hapjes. Een ‘galgenmaal’ eigenlijk, want vanaf vandaag is onze geliefde tsipouro-stek To Balconi gesloten. De zaak gaat wel weer open, ergens in het voorjaar, maar dan in een nieuw jasje en zonder de bij vele Piliongangers bekende Apostolis, aan wie ik in het verleden al eens een hele column heb gewijd. Zestien jaar bestierde hij zijn ouzeri aan het einde van het dorp, zestien jaar waarin er heel wat tsipourootjes doorheen zijn gegaan. Wij kwamen er graag, ook al wist je van tevoren nooit of het eten wel of niet te pruimen zou zijn, en of de borden met een glimlach dan wel met een grauw op tafel werden gezet. Of ze überháúpt wel op tafel zouden komen, want naar oud-Griekse gewoonte kun je ook gewoon met zijn allen uit één schaaltje prikken. Ieder zijn eigen vorkje, een schaal met gebakken visjes in het midden, een mandje met brood, wat schoteltjes met feta en taramosalade, een groene salade erbij, een paar flesjes tsipouro en klaar ben je. Niet aan iedere toerist besteed, zoiets, maar dat maakte Apostolis niets uit. Wie erover klaagde, zette hij gewoon van het balkon af met de boodschap dat-ie dan maar ergens anders heen moest gaan. Hilarische, mooie en gezellige momenten hebben we er beleefd, en ik zal beslist niet de enige zijn die ‘onze Apostolis’ zal missen.

Het is toch wel een beetje het einde van een tijdperk, zeiden we tegen elkaar, toen we thuis waren. En dat is het, al geldt dat niet alleen voor het sluiten van een legendarische ouzeri in ons kleine dorpje. De wereld die wij begin 2020 zo normaal vonden, bestaat niet meer, ook dat tijdperk is helaas voorgoed ten einde. Het enige wat we kunnen doen is positief blijven en hopen dat het leven ooit weer een beetje gezelliger zal worden. En tot die tijd… Tot die tijd maken we er maar gewoon het beste van – met of zonder een tsipourootje van Apostolis… 😉

♥♥♥♥♥

 

 

 

Een mooie wandeldag

Kent u die heerlijke Britse serie The Durrels, over het Engelse gezin dat in de jaren dertig vier jaar op Corfu woonde? Vast wel. Een ieder die Griekenland een warm hart toedraagt, heeft die serie gezien. De eigenwijze kinderen, de vaak tot wanhoop gedreven moeder, de exotische dieren die door Gerald liefdevol verzorgd werden, en natuurlijk niet te vergeten het typisch Griekse eilandleven… Het was een serie om van te smullen en ik zal niet de enige zijn die het jammer vindt dat er geen vijfde seizoen komt. Net als ik hebt u natuurlijk altijd gedacht dat hun grote, half uit elkaar vallende huis-aan-zee in Corfu stond. Nou, ik heb nieuws voor u. Dat huis staat namelijk gewoon in Pilion! Hier vlakbij ook nog eens, in het twee dorpen verderop gelegen Koropi, in de volksmond ook wel Boufa genaamd.

Ik liep er gisteren zomaar ineens tegenaan, tijdens een heerlijk ontspannende wandeling met twee vrienden, die mij spontaan hadden uitgenodigd om een keertje met hen mee te wandelen. Ik moet eerlijk bekennen dat ik zelden in Koropi kom. Het dorpje zelf is klein, maar heeft een mooi langgerekt zandstrand met een aantal bar/restaurants. Ik weet nog dat we daar voor het laatst een paar jaar geleden ’s avonds naartoe zijn gewandeld met mijn jeugdvriendin Petra en haar man, voor een gezellig etentje bij zonsondergang. Vanuit Kala Nera is het een niet al te lange wandeling die je helemaal langs het strand kunt afleggen. Er is alleen één probleem: bij hoogwater verdwijnt het strand zo hier en daar, en zul je door het water moeten waden. Die bewuste avond was het geen hoogwater, en konden we redelijk droog doorlopen, al moesten we ergens wel een gedeelte over een wat wankele beschoeiing schuifelen. Een beetje avontuurlijk gedoe was het wel, maar dat vinden wij en de meesten van onze vrienden niet zo erg. Voor een heerlijk ontspannen etentje aan het strand als beloning hebben we zo’n wandeling met hindernissen graag over.

Na aankomst zochten we in opperbeste stemming een mooi tafeltje uit, op het terras, aan de rand van de zee. We leunden relaxt achterover, bestudeerden de kaart en krabbelden ondertussen wat afwezig aan onze onderbenen. En onze armen. En aan alles wat verder onbedekt was! Vreselijk was het, en het werd steeds erger, want in de inmiddels gevallen avondschemering verzamelden alle muggen uit de omgeving zich daar aan de rand van de zee, op die mooie terrassen met uitzicht op de zonsondergang. En ze moesten allemaal ons hebben! Mijn antimuggen-tubetje Fenistil – standaard uitrusting als ik op stap ga – maakte overuren en ging van hand tot hand. Vooral mijn vriendin moest het ontgelden. Haar benen zaten in een mum van tijd vol met jeukende bulten, wat ons ‘gezellig samenzijn’ daar op dat terras er niet gezelliger op maakte. We hebben de menukaart dan ook heel snel weggelegd en zijn letterlijk op de vlucht geslagen, op zoek naar een plekje waar de muggen ons niet te pakken zouden nemen. Dat vonden we gelukkig in de kleine taverne van Sotos aan de hoofdweg, zo’n typisch Grieks huiskamergebeuren waar zoveel gebeurt dat je er maanden later nog van in een lachstuip schiet. De taverne bestaat niet meer, maar de herinneringen eraan bezorgen mij nog steeds een hele grote glimlach op mijn gezicht!

Terug naar de dag van gisteren, want van muggen was dit keer gelukkig geen sprake. Het watergedoe ontliepen we door niet over het strand, maar gewoon door de olijfgaard richting Koropi te lopen. Iets langer, maar wel comfortabeler en ook heel mooi. Aan het eind van het pad waar je normaal gesproken linksaf naar de grote supermarkt aan de hoofdweg gaat, kun je namelijk ook rechtsaf slaan, en dat pad voert je binnen een paar minuten langs een aantal grote villa’s naar het strand. Het was er niet druk, de strandbedden waren maar sporadisch gevuld met badgasten, wat in coronatijd altijd een opluchting is. We installeerden ons aan een tafeltje bij Bar-Restaurant Kadi, waar we meer dan hartelijk begroet werden door een van de vroegere kelners van Taverne Paris in Kala Nera. Tweeëntwintig jaar had hij daar gewerkt, vertelde hij, ooit begonnen als achtjarige – tja, zo gaat dat hier. En nu dus bij Kadi in Koropi, waar hij het helemaal naar zijn zin had.

Nou, wij ook, hoor! Eerst heerlijk uitgepuft bij een ijskoude frappé, en vervolgens aan de ‘pikilia’, in dit geval een schaal vol heerlijke kleine vis- en groentehapjes. Nieuw voor ons alle drie was de μαϊντανός-ντιπ, een romige spread van gepureerde peterselie, ui, knoflook, citroensap en olijfolie. Simpel, maar zo verschrikkelijk lekker, vooral in combinatie met de dunne sneetjes bruin brood die we erbij geserveerd kregen. Het was er heerlijk vertoeven, daar op dat terras onder de parasol, en voor we het wisten liep het al tegen halfdrie. Niet echt de perfecte tijd om aan de wandeling terug te beginnen, maar daar zaten we niet mee. Dit keer wilden we wel helemaal langs het strand terug, dus als we oververhit raakten, konden we altijd nog in zee afkoelen. We kwamen er echter al vrij snel achter dat het inmiddels hoogwater was, zodat we al na een paar minuten lopen het water in moesten. Voor mij geen probleem, ik had uit voorzorg mijn waterschoenen in de rugzak gestopt, maar voor de andere twee die dat niet hadden gedaan wel, want hun wandelschoenen bleken niet waterdicht te zijn. Toch waren we blij dat we dat eerste stuk het water getrotseerd hebben, want daardoor liepen we dus ineens tegen dat intrigerende ‘Durrel-huis aan. Gelukkig konden we vrij snel erna via een half verborgen paadje alsnog de olijfgaard bereiken, en hebben we onze wandeling iets minder avontuurlijk voortgezet.

Eenmaal terug in Kala Nera hebben we ons wederom op een terras aan zee geïnstalleerd, bij Edem dit keer, waar een heerlijk koel briesje onze verhitte lijven iets minder verhit maakte. Te weinig naar mijn zin, dus na de eerste slokken icetea heb ik toch maar even snel een verkoelende duik in zee genomen. Pas tegen zes uur hebben we een punt gezet achter onze mooie, relaxte wandel-, terrasjes- en praatdag, en ben ik via het strand in een halfuurtje teruggelopen naar Kato Gatzea. Al met al was de dag goed voor 10,1 km, en dat geteld bij de linedance-kilometers die ik in de afgelopen week samen met dansbuddy Sophie heb gemaakt, betekende dat dat er namens ons ergens op de wereld een mooie boom is geplant. We hebben dus zomaar, al plezier hebbende, ons eigen steentje bijgedragen aan een mooie, leefbare aarde. Het betekent ook dat we al een vijfde deel van de Ierse Ring of Kerry-route hebben afgelegd, oftewel ruim veertig kilometer hebben weggedanst en –gelopen. Maar hoe dat nu allemaal zo gekomen is… dat leg ik u later nog weleens uit 😉

P.S. Nieuwsgierig hoe het met de Corona Kids gaat? Nou, die hebben het zo te zien prima naar hun zin!

♥♥♥♥♥

 

 

 

 

Daar gaan ze…

Ik heb zo toegeleefd naar de datum van 31 juli, de dag dat Corwyn en Norbert naar Nederland vertrokken, dat ik totaal vergeten was dat het daarna 1 augustus zou zijn… en dus websitecolumndag. Nu kan ik de dag van gisteren natuurlijk hier uitgebreid gaan beschrijven, maar velen van jullie hebben die dag al van uur tot uur op Facebook meegeleefd. De ontroerende reacties die ik een uurtje na het afscheid van de kittens las op de luchthaven van Thessaloniki, waren zo lief dat ik daar op mijn bankje opnieuw met tranen in mijn ogen zat. Dank voor jullie lieve woorden, het is ongelooflijk hoe zovelen vanaf het allereerste begin hebben meegeleefd met onze bengels.

Het is een paar weken terug nog even heel spannend geweest of alles wel door zou kunnen gaan, want vriendin Liesbeth, onze vluchtbegeleider, kwam door een ongelukkige struikeling tijdens een wandelingetje door Skiathos Stad al in het begin van haar vakantie met ernstig gescheurde enkelbanden op krukken terecht. Ik had het me dan ook heel goed kunnen voorstellen als ze meteen terug naar Nederland had gewild – zij het zonder de katten, want die mochten pas vanaf de 25ste vliegen. Maar al na een paar dagen stuurde Liesbeth mij het verlossende berichtje dat ze de vakantie niet ging afbreken en dat alles gewoon bij het oude bleef – behalve dan dat zij nu dus met de kittenbench op schoot in een rolstoel in de aankomsthal van Schiphol zou arriveren om ze aldaar te overhandigen aan Esther en Martin, de twee lieverds uit Den Haag, die de kittens hebben geadopteerd.

Afijn, zo kwam het dan allemaal toch nog goed, en dus vertrok ik gisterochtend om vijf uur met de kittens op de achterbank per taxi naar de luchthaven van  Thessaloniki, waar ik de kittens samen met Liesbeth en haar man Christos op het vliegtuig heb gezet. Uitgebreid beschrijven doe ik de dag dus verder niet, maar hieronder volgt wel de mail die ik vanmorgen naar Esther heb gestuurd. Gewoon omdat daarin alles staat wat ik eigenlijk ook in mijn column wil zeggen… 🙂

Lieve Esther,

Wat een zenuwendag was het gisteren. En wat hebben de jongens alles ongelooflijk goed doorstaan! Dat had ik niet verwacht. Ook hier in de auto waren ze muisstil, ze lagen heerlijk te slapen. Op de luchthaven waren ze heel timide, ze wilden zelfs geen flesje. Het leek echt of ze half in shock waren, en toen moest het ergste, de vliegreis, nog komen. Ik zag ze in gedachten al bij aankomst met gestrekte oortjes door een hartaanval in de bench liggen… Hoe anders is het verlopen!!!

De incheck verliep goed, al duurde dat best lang. Eerst het controleren van de papieren, waarmee de incheckdame naar een apart kantoortje verdween. Toen ze eindelijk terugkwam moest de bench even op de bagageband om een bagagelabel te krijgen en toen moesten we weer wachten op een medewerker die ons naar de speciale goederenafgifte ging brengen. Het was zo fijn dat Christos erbij was, want die spreekt vloeiend Grieks. Ik had al die moeilijke woorden vast niet zo goed begrepen. Wij zijn dus samen met de katjes en de medewerker naar beneden gegaan voor de afgifte aldaar. We mochten kiezen om de kittens eruit te halen en ermee door het poortje te lopen of ze in de bench te laten en net als de handbagage op de band door de scan te laten gaan. We hebben voor dat laatste gekozen, stel je voor dat ze zouden ontsnappen. En dat wegglijden in de scantunnel… was dus het laatste wat ik van ze heb gezien.

We hebben eigenlijk een soort van ‘mazzel’ gehad dat Liesbeth zowel hier als bij aankomst assistentie kreeg, want nu ging het wel makkelijker dan normaal. Ze werd meteen vooraan naar de incheckbalie gereden, hoefde niet in de rij! En als ik het zo las dan ging het op Schiphol ook supersnel! Die foto van jou bij aankomst, die nieuwsgierige koppies in de bench…. pfff, wie had dat kunnen denken? Ik niet. Iemand schreef ergens in de reacties dat ze zo zelfverzekerd bij jou thuis uit de bench stapten en dat raakte me echt. Dat ik ze zo ‘sterk’ heb gemaakt kan ik nauwelijks geloven. Het zijn beslist geen angstige zielepietjes geworden, integendeel. En dat is gezien alles wat ze hebben meegemaakt toch eigenlijk inderdaad wel een beetje een ongelooflijke prestatie, zoals iedereen steeds zegt… 😉

Wat ik nu voel, vraag je. Dat is makkelijk te beantwoorden. Ik voel dat ze bij jullie thuishoren! Helemaal en absoluut! Maar dat gevoel had ik al vanaf het moment dat ik jouw eerste mailtje kreeg. Die eerste foto-impressies van de kids bij jullie thuis zijn zo heerlijk om te zien. En ik ben zooooo  verschrikkelijk blij dat ze nu de hele dag mogen rondhuppen en alle dingen kunnen doen die een kat behoort te doen! Het ging me zo aan het hart dat ik ze steeds moest ‘opsluiten’. Dat Norbert meteen boven op de balk zat… niet te geloven. Corwyn is eigenlijk de klimmer, Norbert donderde hier overal van af, de schat 🤣 En die gejatte knoflookgarnaal… prachtig. Alles wat eetbaar is, is niet veilig voor hem. En  Corwyn… ja, die doet waar hij zin in heeft. Maar hij is wel veel slimmer en vooral sneller dan Norbert 😂

Het is raar dat ze er niet meer zijn. Ik loop nog steeds te kijken naar de ren om te checken wat ze daar uitspoken, of de zon er al in schijnt en of de parasols uit moeten… Het went snel hoor, en dat constante alert zijn ben ik vast heel snel kwijt, zeker weten. Mijn taak zit erop, nu mogen jullie en jullie andere katten het over gaan nemen! Jullie liefde straalt nu al van de foto’s af, wat kan ik me nog meer wensen voor mijn kanjertjes? Ik wens ze een heel lang, heel mooi leven toe bij jullie, en ik kijk  vanaf een afstandje breed glimlachend en supertrots mee! De Corona Kids was een project van velen, het is ongelooflijk hoe iedereen meegeleefd en meegeholpen heeft om ze een mooie toekomst te geven. Zonder al die lieve mensen, zonder Liesbeth en Christos, maar vooral zonder JULLIE was me dat nooit gelukt. Dat zoveel mensen zoveel liefde hebben getoond voor drie ter dood veroordeelde kittens vind ik nog steeds een wonder. En dat ik aan de wieg van dat wonder heb mogen staan… hm, ja, oké, dat is toch eigenlijk wel een klein beetje bijzonder 😜

Zo, en nu ga ik heerlijk bijkomen van alles, ik was doodmoe gisteren! Zulke dagen, nee, zulke maanden wil ik niet al te vaak meer meemaken! Ik kijk uit naar alle foto’s en berichtjes. Geniet maar lekker van mijn twee kleutertjes, ik ben jullie onwijs dankbaar dat jullie juist hén wilden hebben. Ze hadden echt, zeker weten, geen mooier plekje kunnen krijgen!!! 🥰❤😘

Dikke kus en knuffels,

Wilma

NB. De avonturen van Norbert en Corwyn in Nederland zijn te volgen via de Facebook-pagina:

De Corona’s, over twee gedumpte Griekse kittens.