Sneeuw in Pilion

Ze hadden het voorspeld, de weermannen, maar toch was het even flink schrikken, afgelopen maandag bij het wakker worden. Bijna dertig centimeter sneeuw lag er in onze tuin aan de kust, wat niet vaak voorkomt. Boven in de bergen is het normaal, daar ligt rustig een meter of twee, drie in de winter, maar hier… Ik denk dat we het in de afgelopen zestien jaar hooguit zo’n drie of vier keer hebben meegemaakt. Het grootste probleem van zo’n heftige sneeuwval en ijzige kou is natuurlijk dat alles hier ingesteld is op mooi weer. Huizen zijn niet of nauwelijks geïsoleerd, preventief zout strooien zit niet in het systeem van de doorsnee Griek, en hun oplossing om het bevriezen van de waterleiding te voorkomen is meestal een kwestie van ’s nachts de kraan openzetten zodat het blijft stromen. Tel daarbij dat de stroomvoorziening het op cruciale momenten vaak laat afweten, dat mensen in huizen met centrale verwarming en elektrische fornuizen daardoor koud en hongerig worden, en het drama ontvouwt zich. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de infrastructuur in het land. Zo was de belangrijke snelweg van Lamia naar Athene vanaf zondag al niet meer begaanbaar vanwege de sneeuwval, een afsluiting die meerdere dagen heeft geduurd. De gure en stormachtige wind gooide er nog een schepje bovenop met omvallende bomen en afgebroken takken en heeft – om het even dichter bij huis te houden – in het zuiden van Pilion voor veel schade gezorgd aan onder andere de olijfgaarden.

Kortom, behoorlijk schrikken allemaal. Met onze Nederlandse roots nog steeds sterk in ons aanwezig had manlief een aantal winters geleden gelukkig al een grote zak strooizout ingeslagen. Daar is trouwens het hele jaar door gemakkelijk aan te komen, want dat zout wordt hier volop gebruikt om de olijven in te maken. Zijn vooruitziende blik kwam nu goed van pas, want in no-time hadden we prima looppaadjes over het terras en naar het tuinhek gecreëerd. Bomen en planten waren naar aanleiding van het weerbericht een paar dagen eerder al ingepakt, net als de waterleidingen buitenshuis. Een uitkomst, dat bubbeltjesplastic! Zondagavond al lag er een flinke laag sneeuw op onze bomen, dus die hebben we er rond middernacht nog met een bezem af geschud om brekende takken te voorkomen. In het zonnezeil boven de patio hadden we echter geen erg gehad, dus dat hebben we toen ook maar meteen weggehaald. Helaas stond ik er net onder toen het touwtje in manliefs handen afbrak en kreeg ik een groot deel van de in het zeil verzamelde sneeuw over me heen. Na de eerste schrik veroorzaakte dat een flinke schaterbui, want ondanks de nattigheid die via mijn kraag naar binnen gleed, zag ik de humor van een middernachtelijke sneeuwdouche in Greece toch nog wel in.

De volgende morgen werden we dus wakker in een witte, maar zeer koude en stormachtige wereld. Al vóór mijn ontbijtkoffie stond ik sneeuw te schuiven en zitkussens af te slaan, want door de wind was dat witte spul zelfs tot onder onze overkapping terechtgekomen. Het was een raar begin van wat voor mij toch al een moeilijke dag zou worden. Mijn zus Annemarie was namelijk de week ervoor overleden en werd op diezelfde maandagochtend in Vlaardingen begraven. Haar overlijden kwam niet onverwacht, ze was al tweeënhalf jaar ziek, maar door alle Covid-perikelen heb ik haar sinds mei 2019 niet meer kunnen bezoeken. Ook in die laatste dagen kon ik er niet fysiek voor haar zijn, en dat betekende dat alles neerkwam op mijn jongste zus, iets wat mede vanwege de extreme weersomstandigheden die datzelfde weekend Nederland teisterden niet meeviel. Dankzij beeldbellen kon ik in die laatste dagen toch nog een paar keer aan het bed van mijn zus zitten, iets waar ik heel dankbaar voor ben. Ook de begrafenisplechtigheid, op die bewuste sneeuwmaandag, heb ik via streaming mee kunnen beleven en dat alles helpt om het verlies een plekje te kunnen geven. Net als de vele en lieve steunbetuigingen die ik via Facebook en privéberichten letterlijk uit de hele wereld heb mogen ontvangen. Ze gaven warmte en zeer zeker ook een gouden randje aan een koude, moeilijke dag in het op zo’n moment toch wel heel verre Griekenland.

Inmiddels zijn we alweer bijna een week verder. De sneeuw is gesmolten, hier en in Nederland. De voorjaarsbloemen doen hun uiterste best om ons te laten weten dat het voorjaar er toch echt aankomt. Wat het ons gaat brengen weten we niet. De wereld is nog steeds in de ban van Covid, de aversie tegen lockdowns en avondklokken wordt met de dag groter, en de onrust is overal om ons heen aanwezig. Even heb ik hoop gehad dat mijn 1e vaccinatie eerder zou plaatsvinden dan verwacht, want dankzij AstraZeneca wordt de leeftijdsgroep 60-64 jaar nu al gevaccineerd. En laat ik daar nou nog net in vallen met mijn 64 jaar en tien maanden. Ik ben immers pas in april jarig! Maar die vlieger ging dus niet op, want wat blijkt? Hier in Griekenland ben ik al vanaf 1 januari van dit jaar 65, ongeacht in welke maand ik geboren ben. Dat was dus even een tegenvaller. Een troostrijke gedachte is wel dat ik gelukkig niet op 31 december 1956 ben geboren. Dat zou pas echt sneu zijn geweest, want dan ben je volgens je eigen kalender het hele jaar 2021 nog 64, maar krijg je je prik niet omdat de Grieken vinden dat je al een jaar lang 65 bent! Rare jongens zijn het, ik heb het al vaker gezegd.

Mijn lockdown leven gaat voorlopig dus nog gewoon door. Naar Volos gaan – lees: kappersbezoek! – zit er nog steeds niet in, maar ik bevind me nu al zo lang achter de geraniums dat ik mijn inmiddels tot over mijn schouders vallende corona-haar maar gewoon laat doen wat het zelf wil. Er zijn ergere dingen in het leven dan een uitgezakt kapsel, nietwaar? Bovendien heb ik op dit moment alle uren van de week nodig om mijn nieuwe roman af te schrijven. Daar heb ik in de afgelopen woelige weken niet altijd de juiste concentratie voor kunnen opbrengen, wat gezien alle privégebeurtenissen natuurlijk heel logisch is. Over zes weken moet ik het manuscript inleveren, en ik weet nu al dat dat nog een flinke klus gaat worden. Maar ondanks die tijdsdruk ben ik toch ook wel blij dat ik me de komende weken legaal kan onderdompelen in een fictieve realiteit. Even mentaal weg uit de werkelijkheid geeft ongetwijfeld eenzelfde energieboost als die al zo lang ontbeerde vakantie. Anderhalve maand lang heb ik namelijk een goed excuus om alle dagelijkse ellende gewoon opzij te schuiven door samen met mijn hoofdpersonen heerlijk ontspannen door Cornwall te zwerven. En daarna… Ach, daarna is ongetwijfeld de groep – tegen die tijd zeer langharige – 65-70-jarigen aan de beurt om eindelijk hun welverdiende dosis ‘einde geraniumtijdperk’ te ontvangen. Een heerlijk vooruitzicht… 😉

♥♥♥♥♥

Schotels

Wat doe je als je al bijna een jaar niemand anders over de vloer krijgt dan je hulp in de huishouding, als zich buiten de deur begeven maar mondjesmaat is toegestaan, en als klap op de vuurpijl de BBC ook nog eens is weggevallen uit je antennetelevisiezender-aanbod? Precies, dan koop je dus een tv-schotel.

“O, o, dat wordt zappen. Héél véel zappen…” verzuchtte ik zojuist, toen manlief uit Volos terugkwam met behalve de boodschappen ook het nieuws dat er woensdag een schotel wordt geïnstalleerd en dat we dan wel 400 kanalen kunnen krijgen. Voor de goede orde, we hadden in gezamenlijk overleg besloten om zo’n ding aan te schaffen, hoor, dus deze schotel kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Wij kijken namelijk voornamelijk naar BBCworld als we tv kijken en juist die zender was de afgelopen dagen van het scherm verdwenen. Heel vervelend, want als je een beetje op de hoogte wilt blijven van het wereldnieuws, dan heb je aan de Griekse tv-zenders helemaal niets. De nieuwsuitzendingen gaan voor 98% over binnenlandse aangelegenheden, waarvan door de nieuwslezers op een dusdanige manier verslag wordt gedaan dat je denkt dat er een machinegeweer op dubbele snelheid wordt afgeschoten. Van de overgebleven 2% items wordt er 1,5% aan Russisch nieuws besteed en de rest van de wereld mag het met dat laatste halve procentje doen. Niet echt onze ‘cup of tea’ dus, want wij zijn nog steeds meer geïnteresseerd in het wereldnieuws dan in bijvoorbeeld het nieuws dat er in de afgelopen jaren te weinig geld is besteed aan het renoveren van de Griekse wegen. Daar hebben we geen journaal voor nodig, dat weten we al. We hoeven alleen maar op de brommer naar drie dorpen verderop te rijden, dan zitten je nieren al in je keel.

Het overige aanbod op de Griekse televisiezenders die we via onze antenne van de nationale providers DIGEA en ERT doorkrijgen, bestaat voor een zeer groot deel uit Griekse muziekprogramma’s. Daarin treden voornamelijk zangeressen op die eruitzien alsof ze zo van de Amsterdamse walletjes vandaan komen en zangers met zulke afgeknepen stemmen dat ik me altijd bezorgd afvraag waarom ze in vredesnaam niet een grotere maat broek kopen. Dat zingt volgens mij een stuk makkelijker. O, en dan hebben we ook nog een kanaal waarop een meneer de hele dag door allerlei producten zit aan te prijzen waarvoor je dan een telefoonnummer kunt bellen om er stante pede de eigenaar van te worden. En oké, eerlijk is eerlijk, er zijn ook een aantal dagelijkse soaps die je kunt volgen, maar die hebben meestal een dusdanig hoog John Lanting-hihihaha-gehalte dat ik dat enigszins zonde van mijn tijd vind. In het weekend is er ook weleens een goeie Engelstalige film te vinden, niet nagesynchroniseerd en dus met ondertiteling, maar aangezien we diezelfde films ook kunnen downloaden of via Netflix kunnen kijken zónder minimaal vier reclameblokken van tien minuten… Afijn, u snapt het al wel, wat ons betreft is er niets op die Griekse tv wat ons interesseert.

We hadden al eens vaker over zo’n schotel gesproken, manlief en ik. Het komt namelijk regelmatig voor dat onze internationale freesat kanalen zoals BBCworld en Deutsche Welle uitvallen vanwege slechte weersomstandigheden. Is er een flink regenfront in de buurt of in de zomer een fikse onweersbui, dan kun je er iets om verwedden dat onze geliefde BBC samen met de andere freesats uit de lucht is. Meestal zijn ze vrij snel weer terug, maar we hebben al eens eerder een paar dagen zonder gezeten. Manlief houdt daar niet van. Die wil graag de regie houden over zijn eigen televisiekanaalkeuzes, en dat heb je niet als je via je antenne en dus de nationale provider kijkt. Mij maakt het allemaal niet zoveel uit. Televisiekijken doe ik behalve dat wereldjournaal eigenlijk zelden. We hebben een hele harddisk vol met oude Engelse televisieseries zoals Morse en Midsummer Murders en Miss Marple en Grantchester, en eer je alle seizoenen daarvan opnieuw hebt bekeken ben je zo alweer een jaar verder. Voor de afwisseling voldoet Netflix uitstekend en al wat ik verder nog wil zien, staat wel ergens op internet bij uitzending gemist of YouTube. Dus zo’n schotel is voor mij niet echt een prioriteit. Zeg nou zelf, wat moet een mens in vredesnaam met vierhonderd kanalen? Zappen, volgens mij, want net als het gras bij de buurman is er natuurlijk altijd wel een kanaal dat misschien nog veel interessanter is dan het kanaal waar je op dat moment naar zit te kijken. Manlief denkt daar heel anders over. Het gaat hem om de stabiliteit van BBCworld en die andere kanalen zijn alleen maar leuk meegenomen, heeft hij mij verzekerd.

Ik moet het allemaal nog zien, maar vooruit, mannen en hun gadgets, daar weten wij vrouwen alles van. Mannen hebben gewoon een andere relatie met televisies dan wij. Dat zie je toch ook al terug in het beheer over de afstandbediening, of ben ik de enige vrouw die daar zelden aan mag komen? Of liever gezegd, ik mág er wel aankomen, maar als ik dan zit te prutsen omdat ik het niet iedere dag doe en sinds de komst van de smart-tv iets meer tijd nodig heb om al die knopjes te begrijpen, dan wordt het ding alweer uit mijn handen gerukt omdat ik ‘er zo lang over doe’. Niet dat ik dat erg vind, hoor. Mijn kwaliteiten liggen op andere gebieden dan vlotjes afstandsbedieningen hanteren. Ieder zijn eigen ding, toch? Manlief heeft bijvoorbeeld altijd ruzie met Word, en daar kan ik dan weer mee lezen en schrijven. Zo hebben we allebei onze sterke en zwakke kanten, nietwaar?

Inmiddels hebben we gehoord dat BBCworld via de nationale provider over vier dagen weer op het scherm terug zal zijn. De oorzaak van de verdwijning was een landelijke digitale opschaling 2e fase die dan afgelopen zal zijn. Er zullen ongetwijfeld nog meer opschalingen komen, en zo niet, dan vallen de zenders wel weer uit vanwege slechte weersomstandigheden. Maar wij hebben daar dan geen last meer van. Want dankzij manlief hebben wíj voortaan een schotel… 😉

♥♥♥♥♥

 

Gelukkig Nieuwjaar

Als het even kan, kijken wij op Oudejaarsavond via de BBC naar de traditionele Schotse Hogmanay (Nieuwjaarsfeest) in Edinburgh. Dat deden we al in Nederland, en sinds we hier digitale tv hebben, ook in Griekenland. “Wat zouden we het graag een keer ‘live’ willen meemaken, dit prachtige spektakel,” verzuchten we ieder jaar weer. Het is er nooit van gekomen, en of dat ooit zal gebeuren, betwijfel ik, want eigenlijk zijn we die wens een paar dagen later alweer vergeten. Tot de volgende Hogmanay 😉

Dit jaar gaat de Hogmanay 2020 niet door, de opgelegde wereldwijde restricties geven geen ruimte om het oude jaar massaal uit te zwaaien. Gelukkig hoeven we het niet helemaal zonder ons Schotse Eindejaarsgevoel te doen, want de onderstaande video’s brengen het afscheid van het oude jaar heel mooi in beeld. En hoewel ik lang niet alles versta van de woorden die de beelden begeleiden, voel ik ze wel, rechtstreeks in mijn hart. Het gaat over afscheid nemen van een jaar dat nog heel lang na zal dreunen, wereldwijd en dicht bij huis. Een jaar vol verdriet, frustraties, boosheid en onbegrip… Maar ook een jaar waarin buren elkaar leerden kennen via hun balkons, een jaar waarin ‘negatief’ voor het eerst een positief woord bleek te zijn, een jaar waarin we dankbaar leerden te zijn voor dat wat we wel konden.

Mijn wens voor 2021 is dat we die dankbaarheid voor dat wat er werkelijk toe doet, niet zullen vergeten. Ik hoop oprecht dat we ondanks alle ellende toch iets hebben geleerd van al dat verdriet, van het ongemak, van het besef dat we het leven niet ‘onder controle hebben’. En natuurlijk wens ik met heel mijn hart dat we een beter jaar tegemoet zullen gaan, zodat we elkaar heel binnenkort weer ‘legaal’ mogen omhelzen en vasthouden en knuffelen.

Vanavond om middernacht zal ik proosten op het nieuwe jaar, met een opgeluchte lach dat ik dit jaar gezond mag afsluiten, maar ook met een traan voor alle mensen die veel te vroeg afscheid hebben moeten nemen van dit leven door een virus dat zoveel verwoest heeft. Vanavond om twaalf uur zing ik het Auld Lang Syne uit volle borst, niet hand in hand in een grote kring van familie en vrienden, maar in de warme omhelzing van mijn echtgenoot. En samen verwelkomen we het nieuwe jaar, met licht en hoop in ons hart…

GELUKKIG NIEUWJAAR 

   ΚΑΛΗ ΧΡΟΝΙΑ 

HAPPY NEW YEAR

BLIADHNA MHATH UR

♥♥♥

 

Kerstcolumn 2020

Vrede op aarde, en in de mensen een welbehagen. Dat zongen we vroeger als kind uit volle borst tijdens de middernachtelijke kerstdienst op 24 december, waarna we ons door de kou – o, wat waren die ‘zondagse’ nylonkousen dun! – naar huis repten om bij de mooi opgetuigde kerstboom een stukje kerststol en een kop hete chocolademelk – ugh, dat vieze vel! – te nuttigen, om vervolgens moe maar tevreden in ons warme bed te kruipen. ‘Wat waren ze mooi, die kerstmissen uit onze jeugd,’ zeggen we dromerig, zelfs al weten we diep vanbinnen ook wel dat ze bij lange na niet zo leuk en gezellig waren als we nu zo graag beweren. Dat is namelijk wat tijd voor je doet: scherpe randjes weghalen en terugkijken door een roze gekleurde bril. Ook in mijn jeugd woedden er oorlogen in de wereld, was het grootste deel van de bevolking in het naoorlogse Nederland straatarm, en leefden velen in angst voor de Bom die geheid zou vallen ­– maar of dat voor of na de komst van de Russen en de communisten zou zijn, dat was natuurlijk de grote vraag.

In de jaren erop kwam de welvaart, met als gevolg dat dingen die in mijn jeugd afgedaan werden als Science fiction, nu tot de dagelijkse werkelijkheid behoren. Nooit had ik kunnen denken dat ik, net als mijn helden uit The Thunderbirds en Star Trek, het nog eens heel gewoon zou vinden om een telefoongesprek te voeren waarbij ik de ander op een klein beeldschermpje kan zien. De technologie heeft in mijn ruim zestig levensjaren een spurt gemaakt die werkelijk ongelooflijk is, iets waarover ik me, iedere dag weer, gigantisch kan verbazen. Helaas heeft die vooruitgang ons ook heel veel afgenomen, want anno 2020 verspreiden onvrede en onbehagen zich bijna nog sneller dan het virus. Het is zelfs zo erg dat ik zo langzamerhand bijna terugverlang naar de tijd waarin het ‘kop dicht en doen wat er gezegd wordt!’ heel normaal was. En dat terwijl ik me daar in mijn jeugd heel erg tegen heb afgezet.

Complottheorieën en angstzaaierij zijn van alle tijden. Pandemieën en dodelijke ziektes ook. Zo bezweek mijn opa van moederskant aan de Spaanse griep, mijn oudtante kreeg polio en moest haar leven lang een beenbeugel dragen om zich te kunnen voortbewegen, en zelf overleefde ik als baby ternauwernood kinkhoest. Gelukkig boekte de wetenschap ook op dit gebied vooruitgang en ik weet zeker dat een volgende generatie op ‘corona’ terug zal kijken zoals wij dat nu doen op de pest en de pokken en de cholera, allemaal ziektes die voor ‘donkere tijden’ hebben gezorgd. En juist in die donkere tijden was er altijd dat ene feest dat hoop en licht bracht; het feest van Kerstmis.

Ik vind het heel erg om te horen dat er mensen zijn die vinden dat er dit jaar met Kerstmis niets te vieren valt, alleen omdat ze die kerstdagen op een andere manier moeten doorbrengen dan ze hadden verwacht. Nee, je kunt niet uit eten, en het is beter om nu even niet op ski-vakantie te gaan. En dat feestje met collega’s en vrienden moet minstens een paar maanden uitgesteld worden, en ja, de toekomst van je onderneming is onzeker, en dat ontslag hakt er gigantisch in. Ik snap dat allemaal best, maar tegelijkertijd denk ik: wat zeur je nou? Je hebt een dak boven je hoofd, een kachel die brandt, een douche met warm water. Er is zowaar een financieel vangnet, zelfs als dat minder is dan je zou willen. Je kunt boodschappen doen bij de super, met je gezin spelletjes doen rond de kerstboom, een boek lezen of een Zoom-diner organiseren. Je hoeft niet in de kou naar het front om anderen dood te schieten, je hoeft niet in angst te zitten dat je wordt platgebombardeerd. Je moet alleen thuis blijven en gewoon een paar maanden doen wat je gezegd wordt. Hoe erg is dat nou helemaal?

Kerstmis betekent voor mij nog steeds een feest van hoop en licht. Vrede en welbehagen vind je niet in warenhuizen en verre oorden. Je vindt het in jezelf, wanneer je beseft dat de mens nooit en te nimmer de baas is over het leven. De teugels in handen hebben, controle uitoefenen… Het zijn loze kreten, want in het universum is de mens maar een piepklein stipje, dat uitgeroeid kan worden door een op hol geslagen virus, veroorzaakt door de arrogantie van diezelfde mens. Aan het begin van dit jaar had ik nog hoop dat er een ommekeer zou komen, dat we als mensheid zouden gaan beseffen dat het tijd is om meer respect te hebben voor de aarde waarop we leven omdat we zijn doorgeslagen in onze welvaart en meer kapot maken dan goed voor ons is. Nu, aan het eind van een jaar dat voor velen heel veel verdriet heeft gebracht, weet ik dat die hoop tevergeefs is. Dat ‘men’ ieder ander de schuld geeft, behalve zichzelf. Dat op vakantie gaan belangrijker is dan de verspreiding van het virus tegen te gaan en vooral dat de wereldwijd genomen maatregelen blijkbaar alleen gelden voor anderen.

De naweeën van 2020 zullen heftig zijn en nog jaren doordreunen. Mijn hart gaat uit naar degenen die alles waar ze heel hard voor hebben gewerkt zien instorten, naar degenen die dierbaren te vroeg hebben moeten verliezen, naar degenen die het virus bevochten hebben en niet weten of ze ooit weer degenen zullen zijn die ze waren. Kerstmis 2020 is anders dan anders, dat zal ik niet ontkennen, maar ik hoop dat deze dagen van hoop en licht een ieder – ondanks de onzekere tijden waarin we ons bevinden – toch vrede en welbehagen zullen brengen. Al was het alleen maar in onszelf.

Ik wens jullie allen een mooie kerst en een gelukkig, maar vooral gezond 2021!

♥♥♥♥♥

Licht in de duisternis

Hoewel mijn roman De Zomer van 1970 nog maar net het levenslicht heeft gezien – nu ook te lezen als e-book via je Kobo-abonnement! – ben ikzelf alweer een aantal weken aan het kennismaken met mijn nieuwe hoofdpersonen. Dat is nogal een lastig proces, want ik loop daarbij altijd tegen een hoop problemen op, vanwege hun eigenzinnigheid. Natuurlijk heb ik van tevoren best een aardig idee over hoe ze zouden moeten zijn en wat ze zouden moeten doen. Het vervelende is echter dat het zo niet werkt. In ieder geval niet bij mij. Zo had ik keurig bedacht dat ik met Evelien zou beginnen. Over haar zou het eerste deel van de door mij geplande nieuwe trilogie gaan. Maar terwijl ik met Evelien de eerste woorden op papier aan het zetten was, bleef haar vriendin Adèle steeds weer in mijn oor toeteren dat zíj als eerste wilde. En hoe ik haar ook negeerde en iedere dag braaf samen met Evelien aan mijn werktafel plaatsnam, ze hield niet op met toeteren. Na vier vruchteloze weken – Eveliens verhaal schoot maar niet op – heb ik de handdoek in de ring gegooid en besloten om dan in vredesnaam toch maar met Adèle in zee te gaan.

Een goed besluit, want de woorden rollen nu achter elkaar mijn computer uit, in tegenstelling tot die eerste paar weken. ‘Luisteren naar je innerlijke stem’ noem ik dat, iets waar ik dus blijkbaar nog steeds moeite mee heb. In mijn schrijversleven gaat dat gelukkig steeds beter, maar in mijn gewone dagelijkse leven ben ik toch eerder geneigd om naar de stem van mijn verstand te luisteren. En dat is maar goed ook, want het zou echt een flink zooitje worden als we allemaal altijd alleen maar naar onze ‘innerlijke stem’ zouden luisteren. Stel je voor dat je innerlijke stem je influistert dat je nog steeds president van Amerika bent, ook al zegt de verkiezingsuitslag dat je dat niet meer bent. Grote kans dat je dan op een bepaald moment toch in een dwangbuis je Witte Huis uit wordt gedragen, en dat allemaal terwijl medelandgenoten bij bosjes sterven omdat jij te druk bent met het luisteren naar je innerlijke stem en geen tijd hebt om hen te beschermen tegen een levensbedreigend virus dat ondertussen vrolijk doorgaat met wat virussen nu eenmaal graag doen: zich vermeerderen.

Tja, we maken er maar een grapje over, maar dieptriest is het allemaal wel. Zo langzamerhand zitten we al bijna een jaar met dat virus opgescheept, en de enige die er vrolijk van wordt is dus dat virus zelf. ‘Corona-moe’ is de term die ik regelmatig hoor bezigen, en ik kan me daar zeker iets bij voorstellen. Als schrijfster ben ik het wel gewend om weken- en soms zelf maandenlang nauwelijks een voet buiten de deur te zetten. Maar dat doe ik vrijwillig, en dat is toch heel anders dan wanneer je die deur niet uit mág – tenzij je er een door anderen bepaalde goede reden voor hebt. Dus ja, corona-moe ben ik zo langzamerhand ook wel. Het nieuws dat er een vaccin in aantocht is, doet me dan ook zeer veel deugd. Geloof me, ik sta als een van de eersten in de rij om zo’n prik te halen. En die eventuele bijwerkingen op lange termijn waar iedereen het over heeft? Nou, daar maak ik me echt geen zorgen over. Natuurlijk hoop ik net als iedereen nog tig jaar mee te gaan, daar doe ik ook heel erg mijn best voor, maar nuchter nadenken kan ik wel. Ik heb inmiddels de leeftijd bereikt waarop ik als het tegenzit misschien nog maar een jaar of vijf – of tien of twintig? – voor de boeg heb. Dat weet je immers nooit, hoelang en op welke manier je nog hebt te gaan, nee, ook niet als je jong bent. Die o zo kostbare levensjaren wil ik toch echt op een leuke manier doorbrengen, en niet angstig verscholen achter mijn huisdeur opdat het dan misschien wel zes – of elf of eenentwintig – jaren zullen worden. Dus dat vaccin mag van mij heel snel op de markt gezet worden, zeker weten!

“Mam, als het kan, hopen we in februari naar jullie toe te komen,” zei zoonlief onlangs in een videochat. En hoe heerlijk zou dat zijn! Chatten en skypen en appen is allemaal leuk en aardig, maar wij zijn niet zo’n gezin dat elkaar spontaan alle lief en leed laat meebeleven via dat soort kanalen. Ditjes en datjes, dat zeker, die andere, wat diepgaandere gesprekken komen bij ons echter pas als we wat langer bij elkaar zijn. Maar dat laatste is nu dus al bijna twee jaar geleden. We verlangen er dan ook heel erg naar om zoonlief en de vrouw met wie hij nu al bijna een jaar lang samen is eindelijk in onze armen te kunnen sluiten, niet digitaal, maar in het echt. En ja, dat is zo belangrijk voor ons, dat we dat vaccin liever vandaag dan morgen in ons lijf laten spuiten. Want ‘morgen’ kan het te laat zijn…

Of het leven in februari weer enigszins normaal zal zijn, betwijfel ik, maar hopen kan altijd. Daarom ook hou ik zo van Kerstmis, het feest van het licht dat hoop en liefde brengt. Twee dingen die we in 2020 zo heel hard nodig hadden, maar waar weinig van te merken viel. Grimmig en grauw was het dit jaar, ook als de zon volop scheen. Of misschien overdrijf ik nu, dat kan best. Dat doe ik namelijk wel vaker in de periode dat de blaadjes aan het vallen zijn. Ook daarom ben ik blij met december, blij met het vooruitzicht dat we ondanks alle donkere winterdagen toch op weg zijn naar het heerlijke voorjaar, naar het nieuwe leven dat altijd weer ontspruit uit de veel te koud geworden grond.

Daarom ook, lieve lezers, wil ik u, al is het nog een beetje vroeg , nu al hele fijne kerstdagen toewensen. Zelfs als het een andere, soberder en eenzamere Kerst is dan we eigenlijk zouden willen. Laten we hier en nu gewoon met elkaar afspreken dat we van Kerst 2020 één groot feest van hoop en liefde zullen maken, en ondanks alles met licht in ons hart op weg gaan naar 2021. Corona-moe of niet, één ding weet ik namelijk heel zeker: pandemieën zijn er altijd geweest en zullen er altijd weer komen. Het goede nieuws is echter dat ze ook weer voorbij gaan… 😉

KALA XRISTOUYENNA! PRETTIGE KERST!

Yiasou uit Pilion!

♥♥♥♥♥