Sneeuw in Pilion

Ze hadden het voorspeld, de weermannen, maar toch was het even flink schrikken, afgelopen maandag bij het wakker worden. Bijna dertig centimeter sneeuw lag er in onze tuin aan de kust, wat niet vaak voorkomt. Boven in de bergen is het normaal, daar ligt rustig een meter of twee, drie in de winter, maar hier… Ik denk dat we het in de afgelopen zestien jaar hooguit zo’n drie of vier keer hebben meegemaakt. Het grootste probleem van zo’n heftige sneeuwval en ijzige kou is natuurlijk dat alles hier ingesteld is op mooi weer. Huizen zijn niet of nauwelijks geïsoleerd, preventief zout strooien zit niet in het systeem van de doorsnee Griek, en hun oplossing om het bevriezen van de waterleiding te voorkomen is meestal een kwestie van ’s nachts de kraan openzetten zodat het blijft stromen. Tel daarbij dat de stroomvoorziening het op cruciale momenten vaak laat afweten, dat mensen in huizen met centrale verwarming en elektrische fornuizen daardoor koud en hongerig worden, en het drama ontvouwt zich. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de infrastructuur in het land. Zo was de belangrijke snelweg van Lamia naar Athene vanaf zondag al niet meer begaanbaar vanwege de sneeuwval, een afsluiting die meerdere dagen heeft geduurd. De gure en stormachtige wind gooide er nog een schepje bovenop met omvallende bomen en afgebroken takken en heeft – om het even dichter bij huis te houden – in het zuiden van Pilion voor veel schade gezorgd aan onder andere de olijfgaarden.

Kortom, behoorlijk schrikken allemaal. Met onze Nederlandse roots nog steeds sterk in ons aanwezig had manlief een aantal winters geleden gelukkig al een grote zak strooizout ingeslagen. Daar is trouwens het hele jaar door gemakkelijk aan te komen, want dat zout wordt hier volop gebruikt om de olijven in te maken. Zijn vooruitziende blik kwam nu goed van pas, want in no-time hadden we prima looppaadjes over het terras en naar het tuinhek gecreëerd. Bomen en planten waren naar aanleiding van het weerbericht een paar dagen eerder al ingepakt, net als de waterleidingen buitenshuis. Een uitkomst, dat bubbeltjesplastic! Zondagavond al lag er een flinke laag sneeuw op onze bomen, dus die hebben we er rond middernacht nog met een bezem af geschud om brekende takken te voorkomen. In het zonnezeil boven de patio hadden we echter geen erg gehad, dus dat hebben we toen ook maar meteen weggehaald. Helaas stond ik er net onder toen het touwtje in manliefs handen afbrak en kreeg ik een groot deel van de in het zeil verzamelde sneeuw over me heen. Na de eerste schrik veroorzaakte dat een flinke schaterbui, want ondanks de nattigheid die via mijn kraag naar binnen gleed, zag ik de humor van een middernachtelijke sneeuwdouche in Greece toch nog wel in.

De volgende morgen werden we dus wakker in een witte, maar zeer koude en stormachtige wereld. Al vóór mijn ontbijtkoffie stond ik sneeuw te schuiven en zitkussens af te slaan, want door de wind was dat witte spul zelfs tot onder onze overkapping terechtgekomen. Het was een raar begin van wat voor mij toch al een moeilijke dag zou worden. Mijn zus Annemarie was namelijk de week ervoor overleden en werd op diezelfde maandagochtend in Vlaardingen begraven. Haar overlijden kwam niet onverwacht, ze was al tweeënhalf jaar ziek, maar door alle Covid-perikelen heb ik haar sinds mei 2019 niet meer kunnen bezoeken. Ook in die laatste dagen kon ik er niet fysiek voor haar zijn, en dat betekende dat alles neerkwam op mijn jongste zus, iets wat mede vanwege de extreme weersomstandigheden die datzelfde weekend Nederland teisterden niet meeviel. Dankzij beeldbellen kon ik in die laatste dagen toch nog een paar keer aan het bed van mijn zus zitten, iets waar ik heel dankbaar voor ben. Ook de begrafenisplechtigheid, op die bewuste sneeuwmaandag, heb ik via streaming mee kunnen beleven en dat alles helpt om het verlies een plekje te kunnen geven. Net als de vele en lieve steunbetuigingen die ik via Facebook en privéberichten letterlijk uit de hele wereld heb mogen ontvangen. Ze gaven warmte en zeer zeker ook een gouden randje aan een koude, moeilijke dag in het op zo’n moment toch wel heel verre Griekenland.

Inmiddels zijn we alweer bijna een week verder. De sneeuw is gesmolten, hier en in Nederland. De voorjaarsbloemen doen hun uiterste best om ons te laten weten dat het voorjaar er toch echt aankomt. Wat het ons gaat brengen weten we niet. De wereld is nog steeds in de ban van Covid, de aversie tegen lockdowns en avondklokken wordt met de dag groter, en de onrust is overal om ons heen aanwezig. Even heb ik hoop gehad dat mijn 1e vaccinatie eerder zou plaatsvinden dan verwacht, want dankzij AstraZeneca wordt de leeftijdsgroep 60-64 jaar nu al gevaccineerd. En laat ik daar nou nog net in vallen met mijn 64 jaar en tien maanden. Ik ben immers pas in april jarig! Maar die vlieger ging dus niet op, want wat blijkt? Hier in Griekenland ben ik al vanaf 1 januari van dit jaar 65, ongeacht in welke maand ik geboren ben. Dat was dus even een tegenvaller. Een troostrijke gedachte is wel dat ik gelukkig niet op 31 december 1956 ben geboren. Dat zou pas echt sneu zijn geweest, want dan ben je volgens je eigen kalender het hele jaar 2021 nog 64, maar krijg je je prik niet omdat de Grieken vinden dat je al een jaar lang 65 bent! Rare jongens zijn het, ik heb het al vaker gezegd.

Mijn lockdown leven gaat voorlopig dus nog gewoon door. Naar Volos gaan – lees: kappersbezoek! – zit er nog steeds niet in, maar ik bevind me nu al zo lang achter de geraniums dat ik mijn inmiddels tot over mijn schouders vallende corona-haar maar gewoon laat doen wat het zelf wil. Er zijn ergere dingen in het leven dan een uitgezakt kapsel, nietwaar? Bovendien heb ik op dit moment alle uren van de week nodig om mijn nieuwe roman af te schrijven. Daar heb ik in de afgelopen woelige weken niet altijd de juiste concentratie voor kunnen opbrengen, wat gezien alle privégebeurtenissen natuurlijk heel logisch is. Over zes weken moet ik het manuscript inleveren, en ik weet nu al dat dat nog een flinke klus gaat worden. Maar ondanks die tijdsdruk ben ik toch ook wel blij dat ik me de komende weken legaal kan onderdompelen in een fictieve realiteit. Even mentaal weg uit de werkelijkheid geeft ongetwijfeld eenzelfde energieboost als die al zo lang ontbeerde vakantie. Anderhalve maand lang heb ik namelijk een goed excuus om alle dagelijkse ellende gewoon opzij te schuiven door samen met mijn hoofdpersonen heerlijk ontspannen door Cornwall te zwerven. En daarna… Ach, daarna is ongetwijfeld de groep – tegen die tijd zeer langharige – 65-70-jarigen aan de beurt om eindelijk hun welverdiende dosis ‘einde geraniumtijdperk’ te ontvangen. Een heerlijk vooruitzicht… 😉

♥♥♥♥♥

Schotels

Wat doe je als je al bijna een jaar niemand anders over de vloer krijgt dan je hulp in de huishouding, als zich buiten de deur begeven maar mondjesmaat is toegestaan, en als klap op de vuurpijl de BBC ook nog eens is weggevallen uit je antennetelevisiezender-aanbod? Precies, dan koop je dus een tv-schotel.

“O, o, dat wordt zappen. Héél véel zappen…” verzuchtte ik zojuist, toen manlief uit Volos terugkwam met behalve de boodschappen ook het nieuws dat er woensdag een schotel wordt geïnstalleerd en dat we dan wel 400 kanalen kunnen krijgen. Voor de goede orde, we hadden in gezamenlijk overleg besloten om zo’n ding aan te schaffen, hoor, dus deze schotel kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Wij kijken namelijk voornamelijk naar BBCworld als we tv kijken en juist die zender was de afgelopen dagen van het scherm verdwenen. Heel vervelend, want als je een beetje op de hoogte wilt blijven van het wereldnieuws, dan heb je aan de Griekse tv-zenders helemaal niets. De nieuwsuitzendingen gaan voor 98% over binnenlandse aangelegenheden, waarvan door de nieuwslezers op een dusdanige manier verslag wordt gedaan dat je denkt dat er een machinegeweer op dubbele snelheid wordt afgeschoten. Van de overgebleven 2% items wordt er 1,5% aan Russisch nieuws besteed en de rest van de wereld mag het met dat laatste halve procentje doen. Niet echt onze ‘cup of tea’ dus, want wij zijn nog steeds meer geïnteresseerd in het wereldnieuws dan in bijvoorbeeld het nieuws dat er in de afgelopen jaren te weinig geld is besteed aan het renoveren van de Griekse wegen. Daar hebben we geen journaal voor nodig, dat weten we al. We hoeven alleen maar op de brommer naar drie dorpen verderop te rijden, dan zitten je nieren al in je keel.

Het overige aanbod op de Griekse televisiezenders die we via onze antenne van de nationale providers DIGEA en ERT doorkrijgen, bestaat voor een zeer groot deel uit Griekse muziekprogramma’s. Daarin treden voornamelijk zangeressen op die eruitzien alsof ze zo van de Amsterdamse walletjes vandaan komen en zangers met zulke afgeknepen stemmen dat ik me altijd bezorgd afvraag waarom ze in vredesnaam niet een grotere maat broek kopen. Dat zingt volgens mij een stuk makkelijker. O, en dan hebben we ook nog een kanaal waarop een meneer de hele dag door allerlei producten zit aan te prijzen waarvoor je dan een telefoonnummer kunt bellen om er stante pede de eigenaar van te worden. En oké, eerlijk is eerlijk, er zijn ook een aantal dagelijkse soaps die je kunt volgen, maar die hebben meestal een dusdanig hoog John Lanting-hihihaha-gehalte dat ik dat enigszins zonde van mijn tijd vind. In het weekend is er ook weleens een goeie Engelstalige film te vinden, niet nagesynchroniseerd en dus met ondertiteling, maar aangezien we diezelfde films ook kunnen downloaden of via Netflix kunnen kijken zónder minimaal vier reclameblokken van tien minuten… Afijn, u snapt het al wel, wat ons betreft is er niets op die Griekse tv wat ons interesseert.

We hadden al eens vaker over zo’n schotel gesproken, manlief en ik. Het komt namelijk regelmatig voor dat onze internationale freesat kanalen zoals BBCworld en Deutsche Welle uitvallen vanwege slechte weersomstandigheden. Is er een flink regenfront in de buurt of in de zomer een fikse onweersbui, dan kun je er iets om verwedden dat onze geliefde BBC samen met de andere freesats uit de lucht is. Meestal zijn ze vrij snel weer terug, maar we hebben al eens eerder een paar dagen zonder gezeten. Manlief houdt daar niet van. Die wil graag de regie houden over zijn eigen televisiekanaalkeuzes, en dat heb je niet als je via je antenne en dus de nationale provider kijkt. Mij maakt het allemaal niet zoveel uit. Televisiekijken doe ik behalve dat wereldjournaal eigenlijk zelden. We hebben een hele harddisk vol met oude Engelse televisieseries zoals Morse en Midsummer Murders en Miss Marple en Grantchester, en eer je alle seizoenen daarvan opnieuw hebt bekeken ben je zo alweer een jaar verder. Voor de afwisseling voldoet Netflix uitstekend en al wat ik verder nog wil zien, staat wel ergens op internet bij uitzending gemist of YouTube. Dus zo’n schotel is voor mij niet echt een prioriteit. Zeg nou zelf, wat moet een mens in vredesnaam met vierhonderd kanalen? Zappen, volgens mij, want net als het gras bij de buurman is er natuurlijk altijd wel een kanaal dat misschien nog veel interessanter is dan het kanaal waar je op dat moment naar zit te kijken. Manlief denkt daar heel anders over. Het gaat hem om de stabiliteit van BBCworld en die andere kanalen zijn alleen maar leuk meegenomen, heeft hij mij verzekerd.

Ik moet het allemaal nog zien, maar vooruit, mannen en hun gadgets, daar weten wij vrouwen alles van. Mannen hebben gewoon een andere relatie met televisies dan wij. Dat zie je toch ook al terug in het beheer over de afstandbediening, of ben ik de enige vrouw die daar zelden aan mag komen? Of liever gezegd, ik mág er wel aankomen, maar als ik dan zit te prutsen omdat ik het niet iedere dag doe en sinds de komst van de smart-tv iets meer tijd nodig heb om al die knopjes te begrijpen, dan wordt het ding alweer uit mijn handen gerukt omdat ik ‘er zo lang over doe’. Niet dat ik dat erg vind, hoor. Mijn kwaliteiten liggen op andere gebieden dan vlotjes afstandsbedieningen hanteren. Ieder zijn eigen ding, toch? Manlief heeft bijvoorbeeld altijd ruzie met Word, en daar kan ik dan weer mee lezen en schrijven. Zo hebben we allebei onze sterke en zwakke kanten, nietwaar?

Inmiddels hebben we gehoord dat BBCworld via de nationale provider over vier dagen weer op het scherm terug zal zijn. De oorzaak van de verdwijning was een landelijke digitale opschaling 2e fase die dan afgelopen zal zijn. Er zullen ongetwijfeld nog meer opschalingen komen, en zo niet, dan vallen de zenders wel weer uit vanwege slechte weersomstandigheden. Maar wij hebben daar dan geen last meer van. Want dankzij manlief hebben wíj voortaan een schotel… 😉

♥♥♥♥♥

 

Licht in de duisternis

Hoewel mijn roman De Zomer van 1970 nog maar net het levenslicht heeft gezien – nu ook te lezen als e-book via je Kobo-abonnement! – ben ikzelf alweer een aantal weken aan het kennismaken met mijn nieuwe hoofdpersonen. Dat is nogal een lastig proces, want ik loop daarbij altijd tegen een hoop problemen op, vanwege hun eigenzinnigheid. Natuurlijk heb ik van tevoren best een aardig idee over hoe ze zouden moeten zijn en wat ze zouden moeten doen. Het vervelende is echter dat het zo niet werkt. In ieder geval niet bij mij. Zo had ik keurig bedacht dat ik met Evelien zou beginnen. Over haar zou het eerste deel van de door mij geplande nieuwe trilogie gaan. Maar terwijl ik met Evelien de eerste woorden op papier aan het zetten was, bleef haar vriendin Adèle steeds weer in mijn oor toeteren dat zíj als eerste wilde. En hoe ik haar ook negeerde en iedere dag braaf samen met Evelien aan mijn werktafel plaatsnam, ze hield niet op met toeteren. Na vier vruchteloze weken – Eveliens verhaal schoot maar niet op – heb ik de handdoek in de ring gegooid en besloten om dan in vredesnaam toch maar met Adèle in zee te gaan.

Een goed besluit, want de woorden rollen nu achter elkaar mijn computer uit, in tegenstelling tot die eerste paar weken. ‘Luisteren naar je innerlijke stem’ noem ik dat, iets waar ik dus blijkbaar nog steeds moeite mee heb. In mijn schrijversleven gaat dat gelukkig steeds beter, maar in mijn gewone dagelijkse leven ben ik toch eerder geneigd om naar de stem van mijn verstand te luisteren. En dat is maar goed ook, want het zou echt een flink zooitje worden als we allemaal altijd alleen maar naar onze ‘innerlijke stem’ zouden luisteren. Stel je voor dat je innerlijke stem je influistert dat je nog steeds president van Amerika bent, ook al zegt de verkiezingsuitslag dat je dat niet meer bent. Grote kans dat je dan op een bepaald moment toch in een dwangbuis je Witte Huis uit wordt gedragen, en dat allemaal terwijl medelandgenoten bij bosjes sterven omdat jij te druk bent met het luisteren naar je innerlijke stem en geen tijd hebt om hen te beschermen tegen een levensbedreigend virus dat ondertussen vrolijk doorgaat met wat virussen nu eenmaal graag doen: zich vermeerderen.

Tja, we maken er maar een grapje over, maar dieptriest is het allemaal wel. Zo langzamerhand zitten we al bijna een jaar met dat virus opgescheept, en de enige die er vrolijk van wordt is dus dat virus zelf. ‘Corona-moe’ is de term die ik regelmatig hoor bezigen, en ik kan me daar zeker iets bij voorstellen. Als schrijfster ben ik het wel gewend om weken- en soms zelf maandenlang nauwelijks een voet buiten de deur te zetten. Maar dat doe ik vrijwillig, en dat is toch heel anders dan wanneer je die deur niet uit mág – tenzij je er een door anderen bepaalde goede reden voor hebt. Dus ja, corona-moe ben ik zo langzamerhand ook wel. Het nieuws dat er een vaccin in aantocht is, doet me dan ook zeer veel deugd. Geloof me, ik sta als een van de eersten in de rij om zo’n prik te halen. En die eventuele bijwerkingen op lange termijn waar iedereen het over heeft? Nou, daar maak ik me echt geen zorgen over. Natuurlijk hoop ik net als iedereen nog tig jaar mee te gaan, daar doe ik ook heel erg mijn best voor, maar nuchter nadenken kan ik wel. Ik heb inmiddels de leeftijd bereikt waarop ik als het tegenzit misschien nog maar een jaar of vijf – of tien of twintig? – voor de boeg heb. Dat weet je immers nooit, hoelang en op welke manier je nog hebt te gaan, nee, ook niet als je jong bent. Die o zo kostbare levensjaren wil ik toch echt op een leuke manier doorbrengen, en niet angstig verscholen achter mijn huisdeur opdat het dan misschien wel zes – of elf of eenentwintig – jaren zullen worden. Dus dat vaccin mag van mij heel snel op de markt gezet worden, zeker weten!

“Mam, als het kan, hopen we in februari naar jullie toe te komen,” zei zoonlief onlangs in een videochat. En hoe heerlijk zou dat zijn! Chatten en skypen en appen is allemaal leuk en aardig, maar wij zijn niet zo’n gezin dat elkaar spontaan alle lief en leed laat meebeleven via dat soort kanalen. Ditjes en datjes, dat zeker, die andere, wat diepgaandere gesprekken komen bij ons echter pas als we wat langer bij elkaar zijn. Maar dat laatste is nu dus al bijna twee jaar geleden. We verlangen er dan ook heel erg naar om zoonlief en de vrouw met wie hij nu al bijna een jaar lang samen is eindelijk in onze armen te kunnen sluiten, niet digitaal, maar in het echt. En ja, dat is zo belangrijk voor ons, dat we dat vaccin liever vandaag dan morgen in ons lijf laten spuiten. Want ‘morgen’ kan het te laat zijn…

Of het leven in februari weer enigszins normaal zal zijn, betwijfel ik, maar hopen kan altijd. Daarom ook hou ik zo van Kerstmis, het feest van het licht dat hoop en liefde brengt. Twee dingen die we in 2020 zo heel hard nodig hadden, maar waar weinig van te merken viel. Grimmig en grauw was het dit jaar, ook als de zon volop scheen. Of misschien overdrijf ik nu, dat kan best. Dat doe ik namelijk wel vaker in de periode dat de blaadjes aan het vallen zijn. Ook daarom ben ik blij met december, blij met het vooruitzicht dat we ondanks alle donkere winterdagen toch op weg zijn naar het heerlijke voorjaar, naar het nieuwe leven dat altijd weer ontspruit uit de veel te koud geworden grond.

Daarom ook, lieve lezers, wil ik u, al is het nog een beetje vroeg , nu al hele fijne kerstdagen toewensen. Zelfs als het een andere, soberder en eenzamere Kerst is dan we eigenlijk zouden willen. Laten we hier en nu gewoon met elkaar afspreken dat we van Kerst 2020 één groot feest van hoop en liefde zullen maken, en ondanks alles met licht in ons hart op weg gaan naar 2021. Corona-moe of niet, één ding weet ik namelijk heel zeker: pandemieën zijn er altijd geweest en zullen er altijd weer komen. Het goede nieuws is echter dat ze ook weer voorbij gaan… 😉

KALA XRISTOUYENNA! PRETTIGE KERST!

Yiasou uit Pilion!

♥♥♥♥♥

Terrasjes aan zee

De Griekse herfst is nogal onstuimig van start gegaan met een heuse Medicane, die een verwoestend spoor trok over het hele land. In de dagen erna kelderde de temperatuur van tegen de dertig naar zo’n achttien graden, zodat ik de dikke sokken en de warme joggingbroek maar uit de winterkast heb gehaald. Inmiddels liggen ze er ook weer in, want na dat koude herfstweer klaarde de boel snel op, en ze zeggen zelfs dat we komend weekend een ‘kleine hittegolf’ tegemoet kunnen zien. Zeer wisselvallig weer dus, net zo wisselvallig als dat stomme virus dat momenteel ons leven beheerst. Gelukkig gebeuren er ook nog veel positieve en gezellige dingen, en de kunst is natuurlijk om die tussen alle verwarring en angsten door te blijven zien. Mij lukt dat altijd beter als het zonnetje schijnt en de temperatuur op een aangename hoogte blijft hangen, en in dat opzicht valt er de laatste dagen dus weinig te klagen. De uitnodiging om een keertje koffie te gaan drinken met een Duitse Facebook-bekende die een paar dagen op de nabijgelegen camping stond nam ik dan ook graag aan, al ken ik haar niet echt goed. We hebben elkaar in de afgelopen jaren misschien twee of drie keer gezien, dus dat ik de vrouw die mij op de boulevard samen met een man stond op te wachten niet meteen herkende vond ik wel logisch. Op onze leeftijd komt het immers regelmatig voor dat vriendinnen als blonde blommen vertrekken om het jaar daarop als grijze dames weer terug te keren. En die man… Ach, die had ze vast op de camping opgeduikeld, want ik wist heel zeker dat ze single was, omdat ze vanwege een vervelend ex-vriendje haar Facebook-naam een paar keer had veranderd.

‘Goh, ik had je gewoon niet meer herkend als ik je op straat was tegengekomen,’ flapte ik er dan ook meteen uit na de eerste wat voorzichtige begroeting. ‘Staat je goed.’ Ze keek me een beetje raar aan, dus ik voegde er aarzelend aan toe: ‘Jij bent toch Karin? Wij hadden toch afgesproken?’ Ik begon ineens te twijfelen of ik wel de juiste persoon had aangesproken, maar ze stelde me meteen gerust. Ja, zij was Karin en wij hadden afgesproken, we kenden elkaar van FB. ‘Ja, en van mijn vriendin uit Agios Georgios,’ riep ik, opgelucht dat ik het toch goed had gehad. Opnieuw dat fronsen. ‘Nee, die ken ik niet, wel Alex, van de fietsenwinkel,’ zei ze. Dat klopte, want daar huurde ze in het verleden altijd een mountainbike,  maar dat ze die vriendin van mij niet meer kende was wel raar. Juist door haar hadden we elkaar toch leren kennen? Dat leverde alweer zo’n verwarde blik op. ‘Eh… volgens mij hebben wij elkaar nog nooit ontmoet,’ mompelde Karin, die steeds benauwder begon te kijken. ‘We kennen elkaar alleen van FB. Maar na al die jaren leek het me leuk om je ook persoonlijk te leren kennen, dus daarom heb ik je dat berichtje gestuurd…’ Tergend langzaam drong het tot me door dat ik daar dus met een voor mij totaal onbekend echtpaar op de boulevard stond, omdat ik van het begin af aan blijkbaar de verkeerde Karin voor ogen had gehad. Wat een blamage! Maar het volgende moment kon je mij dus tot boven in Agios Georgios horen schateren. Zoiets kan alleen mij maar overkomen, ik zweer het je. Het waren ook helemaal geen Duitsers, maar Zwitsers, en zij heette niet eens Karin maar Karen… Gelukkig is het allemaal goed gekomen, en werd het bij de koffie zo gezellig dat we erna ook nog maar een hapje zijn gaan eten. Zo’n zwoele nazomeravond aan zee wil ik natuurlijk wel goed benutten, of het nou met bekende of ónbekende FB-vriendinnen is.

En zie, gistermiddag zat ik alweer gezellig op een terras aan zee, samen met manlief, ditmaal voor een lunch van tsipouro met hapjes. Een ‘galgenmaal’ eigenlijk, want vanaf vandaag is onze geliefde tsipouro-stek To Balconi gesloten. De zaak gaat wel weer open, ergens in het voorjaar, maar dan in een nieuw jasje en zonder de bij vele Piliongangers bekende Apostolis, aan wie ik in het verleden al eens een hele column heb gewijd. Zestien jaar bestierde hij zijn ouzeri aan het einde van het dorp, zestien jaar waarin er heel wat tsipourootjes doorheen zijn gegaan. Wij kwamen er graag, ook al wist je van tevoren nooit of het eten wel of niet te pruimen zou zijn, en of de borden met een glimlach dan wel met een grauw op tafel werden gezet. Of ze überháúpt wel op tafel zouden komen, want naar oud-Griekse gewoonte kun je ook gewoon met zijn allen uit één schaaltje prikken. Ieder zijn eigen vorkje, een schaal met gebakken visjes in het midden, een mandje met brood, wat schoteltjes met feta en taramosalade, een groene salade erbij, een paar flesjes tsipouro en klaar ben je. Niet aan iedere toerist besteed, zoiets, maar dat maakte Apostolis niets uit. Wie erover klaagde, zette hij gewoon van het balkon af met de boodschap dat-ie dan maar ergens anders heen moest gaan. Hilarische, mooie en gezellige momenten hebben we er beleefd, en ik zal beslist niet de enige zijn die ‘onze Apostolis’ zal missen.

Het is toch wel een beetje het einde van een tijdperk, zeiden we tegen elkaar, toen we thuis waren. En dat is het, al geldt dat niet alleen voor het sluiten van een legendarische ouzeri in ons kleine dorpje. De wereld die wij begin 2020 zo normaal vonden, bestaat niet meer, ook dat tijdperk is helaas voorgoed ten einde. Het enige wat we kunnen doen is positief blijven en hopen dat het leven ooit weer een beetje gezelliger zal worden. En tot die tijd… Tot die tijd maken we er maar gewoon het beste van – met of zonder een tsipourootje van Apostolis… 😉

♥♥♥♥♥

 

 

 

Daar gaan ze…

Ik heb zo toegeleefd naar de datum van 31 juli, de dag dat Corwyn en Norbert naar Nederland vertrokken, dat ik totaal vergeten was dat het daarna 1 augustus zou zijn… en dus websitecolumndag. Nu kan ik de dag van gisteren natuurlijk hier uitgebreid gaan beschrijven, maar velen van jullie hebben die dag al van uur tot uur op Facebook meegeleefd. De ontroerende reacties die ik een uurtje na het afscheid van de kittens las op de luchthaven van Thessaloniki, waren zo lief dat ik daar op mijn bankje opnieuw met tranen in mijn ogen zat. Dank voor jullie lieve woorden, het is ongelooflijk hoe zovelen vanaf het allereerste begin hebben meegeleefd met onze bengels.

Het is een paar weken terug nog even heel spannend geweest of alles wel door zou kunnen gaan, want vriendin Liesbeth, onze vluchtbegeleider, kwam door een ongelukkige struikeling tijdens een wandelingetje door Skiathos Stad al in het begin van haar vakantie met ernstig gescheurde enkelbanden op krukken terecht. Ik had het me dan ook heel goed kunnen voorstellen als ze meteen terug naar Nederland had gewild – zij het zonder de katten, want die mochten pas vanaf de 25ste vliegen. Maar al na een paar dagen stuurde Liesbeth mij het verlossende berichtje dat ze de vakantie niet ging afbreken en dat alles gewoon bij het oude bleef – behalve dan dat zij nu dus met de kittenbench op schoot in een rolstoel in de aankomsthal van Schiphol zou arriveren om ze aldaar te overhandigen aan Esther en Martin, de twee lieverds uit Den Haag, die de kittens hebben geadopteerd.

Afijn, zo kwam het dan allemaal toch nog goed, en dus vertrok ik gisterochtend om vijf uur met de kittens op de achterbank per taxi naar de luchthaven van  Thessaloniki, waar ik de kittens samen met Liesbeth en haar man Christos op het vliegtuig heb gezet. Uitgebreid beschrijven doe ik de dag dus verder niet, maar hieronder volgt wel de mail die ik vanmorgen naar Esther heb gestuurd. Gewoon omdat daarin alles staat wat ik eigenlijk ook in mijn column wil zeggen… 🙂

Lieve Esther,

Wat een zenuwendag was het gisteren. En wat hebben de jongens alles ongelooflijk goed doorstaan! Dat had ik niet verwacht. Ook hier in de auto waren ze muisstil, ze lagen heerlijk te slapen. Op de luchthaven waren ze heel timide, ze wilden zelfs geen flesje. Het leek echt of ze half in shock waren, en toen moest het ergste, de vliegreis, nog komen. Ik zag ze in gedachten al bij aankomst met gestrekte oortjes door een hartaanval in de bench liggen… Hoe anders is het verlopen!!!

De incheck verliep goed, al duurde dat best lang. Eerst het controleren van de papieren, waarmee de incheckdame naar een apart kantoortje verdween. Toen ze eindelijk terugkwam moest de bench even op de bagageband om een bagagelabel te krijgen en toen moesten we weer wachten op een medewerker die ons naar de speciale goederenafgifte ging brengen. Het was zo fijn dat Christos erbij was, want die spreekt vloeiend Grieks. Ik had al die moeilijke woorden vast niet zo goed begrepen. Wij zijn dus samen met de katjes en de medewerker naar beneden gegaan voor de afgifte aldaar. We mochten kiezen om de kittens eruit te halen en ermee door het poortje te lopen of ze in de bench te laten en net als de handbagage op de band door de scan te laten gaan. We hebben voor dat laatste gekozen, stel je voor dat ze zouden ontsnappen. En dat wegglijden in de scantunnel… was dus het laatste wat ik van ze heb gezien.

We hebben eigenlijk een soort van ‘mazzel’ gehad dat Liesbeth zowel hier als bij aankomst assistentie kreeg, want nu ging het wel makkelijker dan normaal. Ze werd meteen vooraan naar de incheckbalie gereden, hoefde niet in de rij! En als ik het zo las dan ging het op Schiphol ook supersnel! Die foto van jou bij aankomst, die nieuwsgierige koppies in de bench…. pfff, wie had dat kunnen denken? Ik niet. Iemand schreef ergens in de reacties dat ze zo zelfverzekerd bij jou thuis uit de bench stapten en dat raakte me echt. Dat ik ze zo ‘sterk’ heb gemaakt kan ik nauwelijks geloven. Het zijn beslist geen angstige zielepietjes geworden, integendeel. En dat is gezien alles wat ze hebben meegemaakt toch eigenlijk inderdaad wel een beetje een ongelooflijke prestatie, zoals iedereen steeds zegt… 😉

Wat ik nu voel, vraag je. Dat is makkelijk te beantwoorden. Ik voel dat ze bij jullie thuishoren! Helemaal en absoluut! Maar dat gevoel had ik al vanaf het moment dat ik jouw eerste mailtje kreeg. Die eerste foto-impressies van de kids bij jullie thuis zijn zo heerlijk om te zien. En ik ben zooooo  verschrikkelijk blij dat ze nu de hele dag mogen rondhuppen en alle dingen kunnen doen die een kat behoort te doen! Het ging me zo aan het hart dat ik ze steeds moest ‘opsluiten’. Dat Norbert meteen boven op de balk zat… niet te geloven. Corwyn is eigenlijk de klimmer, Norbert donderde hier overal van af, de schat 🤣 En die gejatte knoflookgarnaal… prachtig. Alles wat eetbaar is, is niet veilig voor hem. En  Corwyn… ja, die doet waar hij zin in heeft. Maar hij is wel veel slimmer en vooral sneller dan Norbert 😂

Het is raar dat ze er niet meer zijn. Ik loop nog steeds te kijken naar de ren om te checken wat ze daar uitspoken, of de zon er al in schijnt en of de parasols uit moeten… Het went snel hoor, en dat constante alert zijn ben ik vast heel snel kwijt, zeker weten. Mijn taak zit erop, nu mogen jullie en jullie andere katten het over gaan nemen! Jullie liefde straalt nu al van de foto’s af, wat kan ik me nog meer wensen voor mijn kanjertjes? Ik wens ze een heel lang, heel mooi leven toe bij jullie, en ik kijk  vanaf een afstandje breed glimlachend en supertrots mee! De Corona Kids was een project van velen, het is ongelooflijk hoe iedereen meegeleefd en meegeholpen heeft om ze een mooie toekomst te geven. Zonder al die lieve mensen, zonder Liesbeth en Christos, maar vooral zonder JULLIE was me dat nooit gelukt. Dat zoveel mensen zoveel liefde hebben getoond voor drie ter dood veroordeelde kittens vind ik nog steeds een wonder. En dat ik aan de wieg van dat wonder heb mogen staan… hm, ja, oké, dat is toch eigenlijk wel een klein beetje bijzonder 😜

Zo, en nu ga ik heerlijk bijkomen van alles, ik was doodmoe gisteren! Zulke dagen, nee, zulke maanden wil ik niet al te vaak meer meemaken! Ik kijk uit naar alle foto’s en berichtjes. Geniet maar lekker van mijn twee kleutertjes, ik ben jullie onwijs dankbaar dat jullie juist hén wilden hebben. Ze hadden echt, zeker weten, geen mooier plekje kunnen krijgen!!! 🥰❤😘

Dikke kus en knuffels,

Wilma

NB. De avonturen van Norbert en Corwyn in Nederland zijn te volgen via de Facebook-pagina:

De Corona’s, over twee gedumpte Griekse kittens.