Vakantietijd

Zojuist hebben wij hier onze eerste (gezouten) haring op Griekse bodem genuttigd. Een mijlpaal, want tot op heden was deze typisch Hollandse lekkernij alleen aan mij voorbehouden – tijdens mijn reisjes naar Nederland. Manlief moest het dertien jaar zonder doen, en als rasechte Rotterdamse zeeman, getrouwd met een volbloed Haringkop (zoals wij Vlaardingers genoemd worden) valt dat natuurlijk niet mee. De verrassing om in de schappen bij de Lidl zomaar ineens schoongemaakte rauwe haring te zien liggen, was dan ook groot. Oké, het was geen boterzachte Hollandse nieuwe, maar volwassen exemplaren en ze waren wel heel erg sterk gepekeld, maar toch… Als je het dertien jaar zonder hebt moeten doen, dan smaakt zoiets alsof er een engeltje over je tong fietst.

Het was sowieso een week vol ‘verrassingen’, want na een heel jaar lang gestaard te hebben naar de opgevouwen opblaasbare tweepersoonskano – vorige zomer in een opwelling gekocht – zijn manlief en ik gisteren toch maar eens een keertje samen de zee opgegaan. In die kano dus. Wonder boven wonder zijn we niet omgeslagen bij het instappen, hebben we elkaar niet halverwege een klap verkocht met de peddel, en gleden we zonder al te veel gekibbel in bijna perfecte harmonie over het blauwe water van de Pagasitische Golf. Nou ja, dat vond ik. Manlief had wat problemen met mijn afwijkende ritmegevoel wat betreft het peddelen, maar dat was zijn probleem. Toch?

We zijn ‘helemaal’ naar de verderop gelegen camping Hellas gepeddeld, tussen de aangemeerde boten, de rotsen bij de bocht en de zwemmers bij de camping door. Lekker dicht bij de kust dus, want voor iemand die niet in zee gaat zwemmen zonder luchtbed is een kanotocht op volle zee iets te veel gevraagd. Dit eerste tripje was precies goed voor mij en het kopje koffie op de camping smaakte me dan ook uitstekend. Gezellig was het er ook. We zaten nog maar net toen aan het tafeltje naast ons twee dames, vier kinderen en één man neerstreken. Ze kwamen nog net niet bij ons op schoot zitten, maar het scheelde niet veel. Nu is dat hier vrij gewoon, hoor. Neem een bijna leeg strand, leg er je handdoekje neer, en geheid dat de Griekse familie die na jou arriveert zich installeert op nog geen meter afstand van jouw handdoekje. Ondanks dat bijna lege strand.

Het maakt het sociale contact er wel makkelijker op. Nog geen vijf minuten later zaten we gezellig te kletsen met de dames. De man had zich met de kids en luchtbed naar zee begeven – maar wel pas nadat hij en de kinderen liefdevol van top tot teen waren ingesmeerd door zijn vrouw en, zoals later bleek, de moeder van drie van de kinderen. Ze kwamen allemaal uit Thessaloniki, waren een paar dagen eerder gearriveerd voor een vakantie van drie weken en keken uit naar het hoogtepunt van de Griekse grote vakantie: Maria Hemelvaart op 15 augustus. In de loop van het gesprek hoorden we dat de moeder van drie kinderen mondhygiëniste was, haar man tandarts en dat de andere dame één kind had en een fulltime baan als advocaat. Of ze ook een man had, weten we (nog) niet, maar mochten we hen nog een keer tegenkomen dan zal ons dat ongetwijfeld ook uitgebreid verteld worden. Het tekent de openheid van de Grieken, zulke gesprekjes. We hebben er al vele gevoerd in de afgelopen jaren, steeds vaker geheel in het Grieks, iets waar we best wel trots op zijn. Dat je zowaar eindelijk écht gaat verstaan waar ze het over hebben… dat geeft de burger moed, zeker weten.

En als we het nu toch over moedige burgers hebben… Ruim een week na de bosbrandramp bij Matia is het nu en de eerste onvoorstelbare dagen van verbijstering, verdriet, woede, pijn en rouw liggen achter ons. Terwijl ik dit schrijf, houdt de militaire luchtbasis aan de andere kant van de Golf blijkbaar een oefening, want het zware gedreun van overvliegende helikopters overstemt zowaar het gekrijs van de krekels. Ik weet alleen (nog) niet zeker of het een oefening is. Het kan ook betekenen dat er achter ons in de bergen een vuurhaard is ontdekt. Wat bij Mati gebeurde, kan namelijk overal aan de Griekse kusten gebeuren, ook hier. De hevige bosbranden van 2007, waarbij hier in Pilion 10% van de bossen in de as werd gelegd, liggen nog vers in ons geheugen. Tot aan Afissos en Milies naderde het vuur, en wij in Kala Nera keken met angst in ons hart naar de vlammen die ’s nachts metershoog uitkwamen boven de bergtoppen achter ons. Wij hadden geluk. De harde wind ging liggen en na vijf spannende dagen waren de branden onder controle.

De mensen in Mati hadden dat geluk niet. Tijd om te evacueren kregen ze niet. Binnen een kwartier was het vuur ‘over de berg heen’, en moesten ze letterlijk rennen voor hun leven. Tweeënnegentig mensen verloren daarbij dat leven. Doodgewone mensen zoals u en ik: bewoners, vakantiegangers met en zonder kinderen… De ‘gelukkigen’ die het overleefden zijn alles kwijt: huis, haard, verleden, toekomst. Sommigen liggen nog in het ziekenhuis, vechtend voor hun leven. Anderen dwalen huilend over de zwartgeblakerde puinhopen, op zoek naar vermiste familieleden, naar hun achtergebleven huisdieren… Hulp in de vorm van goederen, geld en vrijwilligers stroomt gelukkig van alle kanten toe. Het kan dat wat verloren is gegaan niet goedmaken, maar het kan het leven na de ramp wel een heel klein beetje makkelijker maken voor iedereen die erbij betrokken is. En dat zijn er velen.

Mocht u willen helpen, dan kunt u dat het beste doen door een bijdrage, hoe klein ook, over te maken op de noodrekening die de gemeente Rafinas, waartoe ook Mati behoort, meteen na de ramp speciaal voor hulp aan de slachtoffers, mens en dier, heeft geopend. Daarnaast zijn er vele grote en kleine stichtingen actief, waaronder het Griekse Rode Kruis, waarvan ik hier ook het rekeningnummer vermeld.

Municipality of Rafina/Pikermi
Piraeus Bank
ΙΒΑΝ: GR20 0172 1860 0051 8609 2291 418
ΒΙC/SWIFT: PIRBGRAA

Hellenic Red Cross
Eurobank Greece
IBAN: GR6402602400000310201181388
BIC/SWIFT: ERBKGRAAXXX

De helikopters van de luchtmacht zijn inmiddels teruggekeerd naar hun basis. Het was dus toch een oefening, want ik hoor geen sirenes of andere ‘enge’ tekenen die zouden kunnen wijzen op brand of andere rampen. Gelukkig maar. We hopen immers allemaal dat zulke vreselijke rampen onze deur voorbij zal gaan. En meestal gebeurt dat ook.

Meestal, maar helaas niet altijd…

♥♥♥♥♥

 

 

Smaak van Liefde

Ik ben verliefd! Verliefd op de prachtige cover van mijn nieuwste roman. En eindelijk, eindelijk mag ik hem nu ook aan jullie laten zien. Is het geen beauty geworden? Jullie zullen deze prachtige omslag de komende weken regelmatig voorbij zien komen, o.a. in jullie Facebook newsfeed, want met deze feestelijke onthulling wordt tegelijkertijd ook het startsein gegeven voor de officiële promotie van… taraaa… Smaak van Liefde, het eerste deel uit de trilogie De rozen van Beekbrugge. Geschreven dus door ondergetekende.

Blij ben ik ook. Blij met jullie, mijn lezers. Jullie steun, jullie opbeurende woorden en vooral het onwrikbare geloof in mij hebben me meer goed gedaan dan ik hier kan vertellen. Schrijven is een eenzame bezigheid. Dag in dag uit in je eentje achter een computerscherm zitten, no matter what, is niet voor iedereen weggelegd. Leven in twee werelden, dat is het, en er zijn legio momenten geweest waarop ik dacht: ‘Waarom doe ik dit in hemelsnaam?’ Momenten waarop ik teruglas wat ik had geschreven en het helemaal niks vond. Momenten waarop ik in mijn eigen verhaal verdwaalde en meer dan twintig bladzijden noeste arbeid moest deleten omdat ze niets toevoegden aan het boek. Momenten waarop ik groot verdriet had omdat ik in mijn privéleven te maken kreeg met het overlijden van mijn moeder. En op al die momenten waren jullie, lieve lezers, er voor mij. Met een lief woord, met een lief gebaar, met jullie geduld. Dank je wel daarvoor!

Aan dat geduld is nu gelukkig een einde gekomen. Vier jaar geleden is het dat een boek van mijn hand het levenslicht zag, en destijds was ik er heilig van overtuigd dat ik nooit meer een roman zou schrijven. Na vijftien jaar in het schrijversleven rondgehuppeld te hebben, had ik het wel gezien. Ik wilde genieten van mijn Griekse zomers en niet meer ‘gedwongen’ worden om die achter het beeldscherm door te brengen. Tja, mooie voornemens, maar er kwam weinig van terecht. Het bloed kruipt nu eenmaal waar het niet gaan kan, en toen HarperCollins mij voorstelde om als eerste Nederlandstalige auteur een trilogie te schrijven voor hun HQN Roman-serie was er maar één antwoord: ‘Ja, ik wil.’

Spijt heb ik er geen moment van gehad. Het was – en is – heerlijk om te werken met professionele mensen die snappen hoe een roman tot stand komt. Mensen die streng zijn op het juiste moment, maar een troostende schouder bieden als je stuk zit. Dat Smaak van Liefde zo’n mooi boek is geworden, heb ik dan ook voor een groot deel te danken aan mijn fantastische redacteuren Iris en Hans, die met hun nooit aflatende inzet over mijn schouder mee hebben gelezen en hun vinger precies op de zere plekjes wisten te leggen. En nee, dat is niet altijd fijn, maar het is er wel een nog mooier boek door geworden. Nou ja, dat vind ik zelf. Alleen… sinds ik van de marketingafdeling heb gehoord dat op 4 juni vijf lezeressen via de Facebookpagina van Harlequin Boeken de kans krijgen om vóór het verschijnen van Smaak van Liefde het boek al te lezen en er hun eerlijke mening over te geven, ben ik daar niet meer zo van overtuigd. Ik heb – om het maar gewoon hardop te zeggen – de zenuwen! Ik slaap niet meer en heb zelfs al wanhopig gevraagd of we het boek niet uit productie kunnen halen. Helaas, de raderen draaien en mijn kindje gaat de wijde wereld in, of ik dat nu leuk vind of niet.

Oké. Eerlijk is eerlijk… Natuurlijk vind ik het diep in mijn hart super, al die extra aandacht en promotie die uitgever HarperCollins voor mijn boek bedacht heeft. Er komt nóg een Facebook-winactie, op 14 juni, waarbij je als eerste mijn gedrukte roman kunt ontvangen. En vanaf 21 juni zul je mijn boek in de supermarkt aan het tijdschriftenschap zien hangen. Mijn roman komt in een speciale nieuwsbrief die 35.000 mensen gaat bereiken en… en… O help! Ik zou het liefst morgen onderduiken en pas weer over enkele maanden tevoorschijn komen. Het hoort erbij, ik weet het. Maar stel nou dat jullie het boek helemaal niet leuk vinden? Stel nou dat het verhaal waaraan ik zo lang zo intensief aan gewerkt heb, totaal niet ‘aanslaat’? Stel nou dat…

De mens lijdt het meest door het lijden dat hij vreest, en nimmer op komt dagen, zei mijn vader vroeger altijd ferm als ik weer eens stond te bibberen. Hij had gelijk. Stap voor stap, eerst het een, dan het ander… precies zoals een van mijn hoofdpersonen in Smaak van Liefde dat zegt. Ik en mijn hoofdpersonen hebben soms wel wat van elkaar weg, dat is beslist een feit. Het ergste wat me immers kan overkomen, is dat jullie het boek na een paar bladzijden ter zijde leggen. Gelukkig valt de prijs mee, zag ik. € 7,50 is de adviesprijs. Nou, daar kun je het wel voor in je (digitale) boodschappenwagentje leggen en uitproberen, toch? Bij de (online) boekhandel, of vanuit het tijdschriftenschap bij de supermarkten, de Bruna of de stationskiosk. Van Rotterdam naar Enschede bijvoorbeeld is een behoorlijk eind reizen, dat weet ik uit ervaring, en dan is het toch leuk om die tijd te ‘verdoen’ met mijn De rozen van Beekbrugge-roman in handzaam formaat. Je komt er gegarandeerd glimlachend mee aan op je eindbestemming, want een happy end hoort er in dit genre nu eenmaal bij – al moet er natuurlijk wel heel wat gebeuren voor het ook daadwerkelijk zover is.

Smaak van Liefde is geschreven voor jullie, met jullie en dankzij jullie. Op 18 juni kan hij al op je deurmat liggen en de link om hem te reserveren geef ik een week ervoor aan jullie door. Dankzij jullie steun ziet mijn eerste Nederlandse HQN Roman zeer binnenkort het levenslicht en kunnen we met zijn allen de kraamtijd in gaan. Op een grote roze wolk, uiteraard, want dat is waarop moeders lopen zodra ze hun kind eindelijk in hun armen kunnen sluiten. En geloof me. Ondanks alles wat ik hiervoor heb geschreven, ben ik daar echt geen uitzondering op… 😉

♥♥♥♥♥

Bloemetjesplukdag

Kaló Mína, Kalí Protomagiá! Dat is de wens die vandaag overal in Griekenland te horen is. Het strooien met wensen doen we hier graag. Behalve de goede maand (mina)-wens, gunnen we iedereen op elke nieuwe maandag ook een goede week. Valt dat op de eerste van een nieuwe maand, dan wordt het dus een dubbele wens. Je moet het maar weten. En dan heb ik het maar niet over alle verschillende wensen bij feestelijkheden als bruiloften, dooppartijen en natuurlijk de naamdag, die voor een Griek de plaats inneemt van ‘onze’ verjaardag. Ik breek regelmatig mijn tong erover en heb nog steeds de bibbers als ik naar een condoleance moet. Het ‘silipitiria’ (συλλυπητήρια gecondoleerd) lijkt best veel op ‘singariteria’ (συγχαρητήρια gefeliciteerd) en ik moet dus altijd heel goed nadenken om het juiste woord uit te spreken als ik de bedroefde familieleden de hand schud. ‘Gefeliciteerd’ is niet wat je hun op zo’n moment toe wilt wensen.

Vandaag is het niet alleen de eerste dag van de maand, het is de eerste dag van de Meimaand (Protomagiá). En waar elders in Europa de eerste mei met ernstige gezichten gevierd wordt als de Dag van de Arbeid, vieren we hier het Begin van de Lente. Wat geheid heel wat vrolijker gezichten oplevert dan zo’n dag van de arbeid, want wie wordt nu niet vrolijk van de lente? Mijn buren in ieder geval, want terwijl ik dit stukje voor u schrijf, draait op nog geen drie meter afstand van mijn werkkamer aan de andere kant van de tuinmuur een sappig geitje rond aan het spit. De radio op de muur spuwt onafgebroken Griekse muziek uit, en begeleidt het belangrijke werk van de buurman: toezicht houden op het draaien en regelmatig het vlees insmeren met olijfolie. Uiteraard onder het genot van een glaasje tsipouro, want de keel moet ook gesmeerd worden. De vrouwen dekken ondertussen de tafel en zorgen voor salades, brood en andere bijgerechten. Na een uurtje of vier – of wanneer het oog van de meester heeft besloten dat het vlees gaar is – gaan de vele inmiddels in de tuin verzamelde familie en vrienden aan tafel om te genieten van het goede der aarde.

Behalve zo’n feestelijke barbecue – overal in de parken en olijfgaarden zie je vandaag families met zo’n meegebrachte grill picknicken – is de eerste mei voor de Grieken vooral een dag waarop je de velden in gaat om bloemetjes te plukken en kransen te vlechten. De kransen worden mee naar huis genomen en opgehangen aan de voordeur of het hek. Dat uitbundig vieren van de lente en het eren van de natuur is al eeuwenoud. In Nederland is dat helaas verdrongen door die serieuze Dag van de Arbeid, maar vroeger hadden we ook in Nederland op de eerste mei een vrolijke meiboom-viering, waarbij in het wit geklede jongedames rond een met lange linten versierde meiboom dansten. In het fotoalbum van mijn moeder zag ik daar nog leuke plaatjes van. Zelf ken ik deze traditie meer vanuit Engeland, waar op het platteland die meiboom-viering nog uitgebreid gevierd wordt.

Ik houd ervan, dat vieren en eren van wat de natuur ons allemaal geeft. Het zit een beetje in de familie, want had ik u al eens verteld dat mijn (Canadese) nicht Joanna van der Hoeven een beroemde en zeer professionele Druïde in Engeland is? Joanna’s boeken over de filosofie van de Modern Druidry zijn stuk voor stuk bestsellers in dit genre, en haar visie op het leven – Live it, as fully and as aware as you can – spreekt ook mij erg aan. Ik ben helaas iets te vroeg geboren en misschien ook wel in het verkeerde land om mijzelf alsnog te bekwamen in de leer der Moderne Druïden, maar het respect voor de natuur dat deze beweging uitdraagt is zeker iets wat bij mij aanslaat. Klinkt het heel gek om hardop te zeggen dat ik in Joanna eigenlijk wel een jongere, ‘vrijere’ uitgave van mezelf terugzie? Zelfs mijn liefde voor muziek en dansen heeft ze in haar genen meegekregen, want ze is al jaren de leidster van een succesvolle buikdansgroep en schrijft en zingt wonderlijk mooie melodieën. Ik heb heel veel bewondering voor de manier waarop zij een onderwerp dat door velen toch wat lacherig wordt afgedaan – druïden en heksen kom je nu eenmaal niet dagelijks tegen – aan de wereld weet te presenteren en ben er dan ook supertrots op haar tante te zijn!

Aan de andere kant van de tuinmuur is het feest van de eerste mei inmiddels in volle gang. De zon schijnt en op straat zie ik hele families gezellig keuvelend voorbijkomen met in hun armen grote bossen wilde bloemen waar vanmiddag mooie kransen van gemaakt gaan worden. Het is feest om me heen, en ik houd mijn Dag van de Arbeid dan ook met liefde voor gezien. Ik ga u verlaten om uitgebreid de lente te vieren – weliswaar zonder gebraden geitje, maar met heel veel genieten van al die zonnige bloemen in mijn heerlijke tuin… 😉

♥♥♥♥♥

Vrolijk Pasen!

Wat? Valt Pasen op 1 april? Echt niet. Dat is gewoon een wereldwijde aprilgrap, waar de Grieken dus niet in trappen. Pasen is pas volgende week, op 8 april. Punt uit. En nee, dat is géén grapje. Het Griekse paasfeest valt namelijk niet altijd op dezelfde datum als het katholieke paasfeest. Dat heeft niets te maken met ‘Fool’s Day’, maar met het feit dat de Orthodoxe kerk een andere jaarkalender hanteert dan de katholieke. Pasen moet volgens de berekening van de Orthodoxe religie vallen op de eerste zondag na de eerste volle maan na de eerste dag van de lente en ook nog eens na het Joodse Pasen. Dankzij die twee verschillende kalenders kan dat dus per jaar een datumverschil opleveren van één tot zelfs vijf weken.

Dit keer liggen ‘ons’ en jullie Pasen maar een week uit elkaar. Dat houdt in dat hier maandag de ‘Megali Ebdomada’ begint, oftewel de Grote Week, die helemaal in het teken staat van de lijdensweg van Christus. Het is ook de laatste week van de vastenperiode, en de strengste. Ik herinner me nog heel goed dat ik in ons eerste jaar hier – we waren net elf dagen daarvoor geëmigreerd – mijn verjaardag wilde vieren met een lekker etentje op een terras aan zee. Helaas viel die dag midden in de Megali Ebdomada en hadden we de keuze uit een zeer magere salade en een mager visje. Nu ben ik niet gek van salade, en doe je me al helemaal geen plezier met een vis vol graten, dus uiteindelijk hebben we thuis maar iets in elkaar geflanst. Een uitgebreid verjaardagsfeest geven is ook ‘not-done’ in die periode. Het is een week waarin luidruchtig feesten echt taboe is, en zelfs een rustig feestje thuis is al lastig, omdat je Griekse gasten vanwege het vasten alle heerlijkheden die je op tafel zet beleefd maar consequent weigeren.

Na een paar van dit soort ‘bloopers’ rond mijn verjaardag vier ik die dag dan ook eigenlijk alleen nog maar in huiselijke kring. Met manlief, mijn vriendin en haar man die bijna ieder jaar overkomen om mij te feliciteren. Of ik maakte er een feestje van in Nederland, aangezien ik de laatste jaren in april meestal in Nederland was om de verjaardag van mijn moeder mee te vieren. Die valt namelijk twee weken eerder dan die van mij, waardoor het regelmatig gebeurde dat ik ofwel mijn verjaardag ofwel Pasen – Nederlands of Orthodox – ‘ver van huis’ vierde. Dit jaar is het voor het eerst anders. Ik ‘hoef’ immers niet meer naar Nederland om mijn moeders geboortedag mee te vieren. Die viert ze nu ergens op haar wolkje daarboven, ongetwijfeld samen met mijn vader. Het is goed zo, al zal ik op die dag natuurlijk even aan haar denken en mijn glaasje tsipouro in een verjaardagstoost naar de hemel heffen.

Dat ik deze aprilmaand niet in Nederland ben, is raar, maar aan de andere kant ook wel heel fijn. Voor het eerst in jaren maak ik het vroege Griekse voorjaar weer mee, en dat is echt genieten. Onze tuin is één grote kleurexplosie van geel (de gele klaver) en oranje (de goudsbloemen). Ook de Griekse margrietjes doen hun uiterste best met een zee van bloemen in het wit, roze en rood, zowel binnen als buiten ons tuinhek. We zijn er al aan gewend dat er regelmatig iemand voor de tuin stilstaat om een bewonderende blik op die bloemenzee te werpen, al dan niet met een camera in de hand. De leukste passant was een van onze buurjongens, een knul van een jaar of zeventien, die vorige week met zijn brommer plotseling stilhield voor de margrietjes buiten het hek. Toevallig stonden manlief en ik op het terras in de tuin, dus we zagen het gebeuren, maar hij had ons niet in de gaten. Tot onze verbazing zagen we dat hij zich vooroverboog en snel een boeketje plukte. We keken elkaar verbaasd aan, want wie verwacht dat nou van zo’n opgeschoten puber? Toen hij even later weer overeind kwam, zag hij ons pas staan. Hij begon een beetje verlegen te lachen en riep: ‘Yia tin kopella mou!’ Oftewel ‘voor mijn meisje’! En maakte zich vervolgens snel uit de voeten. Schattig, hè? Die knul gaat vast nog heel veel meisjesharten laten smelten in zijn verdere leven!

Mijn eigen manlief brengt me ook regelmatig een boeketje uit eigen tuin. Die zet hij dan naast mijn computer op het bureau neer, meestal vergezeld van een snelle kus. Veel tijd heb ik namelijk niet voor hem. Het tweede deel van de Rozen van Beekbrugge moet geschreven worden, en dat kost veel energie en concentratie. Daarom wil ik me bij voorbaat nu al verontschuldigen bij mijn vriendinnen, vrienden en bekenden die de komende maanden in Pilion zijn en het leuk hadden gevonden om mij te zien of te spreken. Om het boek op tijd in de schappen te krijgen, zal ik tot zeker eind juni heel, heel intensief bezig moeten zijn met schrijven. En ja, natuurlijk heb ik wel een beetje tijd over voor leuke dingen, maar hoe ik die uren door ga brengen, kan ik eigenlijk pas op het moment zelf zeggen. Ervaring leert dat ik behoorlijk asociaal kan zijn als ik midden in zo’n intensief schrijfproces zit. De buitenwereld wordt voor mij een vreemde planeet, en je moet echt niet raar opkijken als ik wat bot of anders-dan-anders reageer op een telefoontje of een goed bedoeld onverwacht bezoekje. Ik hoop echter dat het me vergeven wordt, en laat het je alsjeblieft niet weerhouden om mij een mailtje of sms’je te sturen als je toch echt graag iets met me wilt afspreken. Als je me kent, weet je ongetwijfeld ook dat ik té veel van het gezelschap van goede vrienden hou om een echte kluizenaar te worden, hoe belangrijk het boek dat ik aan het schrijven ben ook voor me is!

Kortom, het wordt gewoon weer een gezellige zomer hier in Pilion. Voor nu wens ik jullie daar in Nederland een fijn en vooral gezellig Paasweekend. En ik hoop dat ook jullie voorjaar heel snel heel veel bloemenpracht zal brengen… 🙂

♥♥♥♥♥

Stadsbezoek Larissa

Winter in Kato Gatzea kan een saaie bedoening zijn. Kán, want het hoeft niet. Het ligt er maar net aan wat je maatstaven zijn. Die van ons liggen niet zo hoog. Geef ons een milde winter met veel zon en af en toe een regendagje, een wekelijkse Griekse les, een roseetje bij Karma in het weekend, en voilá, wij zijn dik tevreden. Anders wordt het als zoonlief op bezoek komt. Die vindt wat leven in de brouwerij wel leuk, dus proberen we dan meestal wel een uitstapje te maken. Dit keer viel de keus op Larissa, een wat grotere stad die op een klein uurtje rijden voorbij Volos ligt. Ik schreef er al een column over voor Vlaardingen24, maar aangezien mijn website toch weer heel veel andere bezoekers trekt, doe ik het hier nog eens lekker uitgebreid -– met véél foto’s! – over.

Larissa viel ons namelijk alles mee. We waren er nooit eerder geweest, aangezien we geen auto hebben. Je kunt er ook met de KTEL-bus naartoe, maar dat is zo’n gepriegel met aansluitingen vanuit ons dorpje, dat we daar nooit aan begonnen zijn. Nu hadden we de beschikking over een huurauto, een zoon die weet hoe je met gps omgaat, en bleek de weersverwachting ook nog eens zodanig dat we niet de kans liepen overvallen te worden door regen en/of ijzel. Kortom, niets stond ons in de weg om het Larissa-avontuur aan te gaan, dus stapten we op een zonnige januari-dag om halfelf ’s ochtends in de auto, op weg naar De Grote Stad.

En het was leuk! Ik kan niet anders zeggen. We hadden mazzel met het weer, want hoewel het behoorlijk fris was, scheen de zon volop. Perfect stadswandelweer, zal ik maar zeggen. En dankzij de gps van zoonlief wisten we precies waar alle bezienswaardigheden zich bevonden. Dat hadden we al uitgedokterd op het verwarmde terras waar we na aankomst een kop koffie dronken. En laten die bezienswaardigheden nou allemaal vlakbij en dus op loopafstand liggen! Na de koffie slenterden we dus op ons gemak naar de oude arena, via autoloze winkelstraten met gezellige winkeltjes. Daarna bezochten we de overblijfselen van de oude Turkse Markt, de Bezesteni, die al in de 15e eeuw gebouwd werd. Zo heel veel staat er niet meer van overeind, maar met een beetje fantasie kun je de kooplui echt nog wel horen schreeuwen. Fascinerend vond ik ook de aanwezigheid van een ‘kluis’, waarin de schatten en de ‘archieven’ van de stad werden bewaard: een klein stenen huisje dat al vijf eeuwen lang zijn mannetje staat. De schatten zullen inmiddels wel verdwenen zijn, en de dossiers hebben vast een plaatsje gevonden in een ander onderkomen, maar toch… je staat zomaar oog in oog met iets wat ze vijfhonderd jaar geleden hebben gebouwd om de geschiedenis voor het nageslacht te bewaren. Daar word je op zijn minst even stil van.

Niet zo lang, hoor, want naast die markt ligt een oude Byzantijnse kerk, te bereiken via een park vol met graven en beelden. Ook fascinerend, vooral dat graf van een jongen van achtentwintig jaar, waarop een heel verhaal stond. Te veel en te moeilijk voor mij om het zo en passant even te vertalen, maar het staat op de foto, dus ik ga er zeker een keer echt voor zitten. Een mooie oefening voor tijdens onze Griekse les met de buuf, die altijd in is voor ‘eigen inbreng’. En het ‘vliegende beeld’ van de jonge vrouw op de top van de obelisk vond ik ook heel mooi. Ik had daar nog wel een poosje kunnen rondlopen, maar aangezien de mannen al op weg waren naar de kerk, heb ik me maar tevredengesteld met het nemen van foto’s.

O, en had ik al verteld dat we tijdens onze wandeling telkens weer uitzicht hadden op de beroemde Olympus? Besneeuwd uiteraard, het is per slot van rekening nog hartje winter. Ik heb die berg al een paar keer gezien vanuit de bus als ik onderweg was naar Thessaloniki, maar dan zie ik hem blijkbaar van een heel andere kant, want ik moet eerlijk bekennen dat ik hem niet herkende. Het was dat onze zoon via alweer die gps precies wist dat vóór ons de Olympus lag en rechts daarvan de Ossa, anders had ik u dat niet kunnen vertellen. Maar nu dus wel! En imponerend was het, hoor, die in de verte liggende woonplaats van de Griekse goden. Dan voel je je als mens toch wel even heel klein worden, zelfs in de eenentwintigste eeuw…

De Byzantijnse kerk had prachtige mozaïek-ramen, waarin de zon een mooi spel speelde. En de zuilengang met binnenhof ernaast zal op zonnige dagen ongetwijfeld veel rust en verkoeling brengen. Dat hadden wij niet nodig, want rustig en koel was het al, wat misschien de reden was dat de kerk voor bezoekers gesloten was. Of misschien mag je er alleen op zondag in, ik heb geen idee. Zo heel erg vond ik het niet, want in de afgelopen jaren heb ik al heel veel Bijzantijnse kerken vanbinnen gezien. Een hoop pracht en praal, die mij persoonlijk niet zo heel veel zegt. Hooguit bezorgt het me een nare smaak in de mond, omdat ik op zo’n moment het verschil tussen de rijke kerk en de arme gelovigen iets te veel voor me zie. Maar dat is mijn persoonlijke opvatting, en in het kader van ‘de kunst’ zijn dit soort kerken zeker de moeite van een bezoek waard. Mijn aandacht werd echter al snel getrokken naar het iets lager gelegen viaduct aan de andere kant van het kerkplein, waarop zich een aantal afbeeldingen van kleurrijke fietsers bevonden. En laat er nou net een ‘eenzame fietser’ passeren toen ik een foto maakte. Kijk, dat zijn van die toevalsmomenten waar ik van ga glimlachen.

Inmiddels was er al aardig wat tijd verstreken en onze magen begonnen te knorren. Dus zochten we het centrum van de stad weer op, slenterend over ruim opgezette pleinen die ook de moeite van het fotograferen waard waren. Leuk was ook het ‘contact-moment’ met een toevallige passant, een oudere meneer die zag dat ik een overzichtsfoto nam. Hij bleef glimlachend stilstaan, wachtte tot ik had afgedrukt en groette mij met een lachend knikje voor hij weer verder liep. Leuk is dat, zo’n totaal onbekende man die geen enkel idee heeft dat hij nu figureert in een foto die door u in Nederland bekeken wordt omdat ik vandaag toevallig een column over Larissa schrijf. Fascinerend zoiets, misschien verwerk ik het nog wel eens in een verhaal.

Na de lunch in een ‘industrial design’-lunchcafé gingen we langzaamaan weer op weg naar de parkeergarage waar onze auto stond. Hoe te betalen was niet helemaal duidelijk, maar dat was de garage zelf ook niet, dat hadden we bij aankomst al ondervonden. Een labyrinth van smalle steile afdalingen, met niet al te duidelijke heen- dan wel terug-pijlen. Gelukkig hadden we een kleine auto, die alle bochtjes weer terug omhoog keurig wist te nemen. Eenmaal boven konden we bij de juffrouw aldaar betalen. Nou ja, je moest er wel voor uitstappen, en even naar het hok lopen, en aangezien de juf vervolgens meteen de slagboom opende, waren zoonlief en ik met de auto voor alle zekerheid al boven bij de uitgang voordat manlief – die de portemonnee had – kon instappen. Hij was daar iets minder over te spreken dan wij, maar uiteindelijk kwam het toch allemaal goed.

Op de terugweg hebben we nog een korte stop gemaakt bij de Media Markt, op zoek naar een Bluetooth-splitter om niet de geijkte één, maar twéé Bluetooth-koptelefoons aan te kunnen sluiten op de televisie. Het bestaat, zeker weten, alleen nog niet in die mate dat het volop in de winkels ligt. We zoeken verder, en tot die tijd ‘behelpen’ we ons gewoon met de analoge snoer-koptelefoons als we naar onze dagelijkse portie Midsomer Murders kijken. Daar zijn we namelijk een beetje aan verslaafd, de laatste tijd. Het kijkt niet al te moeilijk, en het verhaal slaat meestal nergens op, maar de heerlijke sfeerbeelden van het Engelse platteland maken dat allemaal ruimschoots goed. En er zijn héél veel afleveringen van gemaakt, wat ook wel fijn is als je op het Griekse platteland overwintert en ’s avonds weinig ander vermaak hebt dan de televisie.

Zoonlief is inmiddels weer in NL, en wij hebben ons saaie winterleven hervat. Met gelukkig nog steeds veel zonnige momenten, gezellige Griekse lessen en heel veel tv-plezier dankzij de super slimme Chief Inspector Barnaby 😉

♥♥♥♥♥

 

Klik op de foto’s voor een grotere afbeelding.